Luisterbereidheid is één ding.

Jammer wel dat de Groenlinkse raadsleden ‘hun’ wethouder politieke rugdekking lijken te geven.

Laten we positief beginnen. In een tijd waarin politici zich vaker verschuilen achter ambtelijke nota’s dan dat ze daadwerkelijk staan voor hun zaak, met de verkiezingsbeloften nog vers op de lippen, was de ervaring met de GroenLinks-fractie van Rheden een verademing. Hun aanspreekbaarheid bleek groot. Ik, een simpel blogschrijvertje, werd zowaar teruggebeld. Twee keer zelfs.

Eerst door Herriët Heersink. Zij toonde de tactische souplesse van een doorgewinterde volksvertegenwoordiger: ze luisterde en ventileerde mondjesmaat haar ‘genuanceerde’ mening over Park Beekhuizen, maar wist me precies op tijd door te sluizen naar de man met de echte dossierkennis. De beleefdheid spatte ervan af, al voelde ik ook haar beheerste drang om de vingers vooral niet te branden aan de hete brij van een lastig ‘sujet’. Het was duidelijk dat zij weg wilde blijven bij materie die haar groene geweten wel eens zou kunnen hinderen.

De papieren werkelijkheid versus de natuurlijke realiteit. Terwijl ik dit raadsvoorstel vasthoud tegen het decor van de Veluwezoom, besef ik hoe geduldig papier is. Met termen als ‘interne saldering’ en ‘kwaliteitsimpuls’ wordt hier een juridisch schild opgetrokken rondom de permanente verstening van dit Natura 2000-gebied. De ambtelijke taal van wethouder Hofman en de ecologische argumenten van Tim Endeveld vormen samen de blauwdruk voor een voldongen feit, waarin de oorspronkelijke natuurcamping slechts een hinderlijke herinnering in de voetnoten is. In het gemeentehuis heet dit ‘interne saldering’; in het bos noemen we dit simpelweg het einde van een tijdperk.

En toen was daar Tim Endeveld. De fractievoorzitter én ecoloog. Kijk, dat is de ultieme politieke luxe. Als je een plan wilt verdedigen dat vijftig permanente woningen en een megarestaurant in een Natura 2000-gebied parkeert, is het verdomd handig om een ecoloog als fractievoorzitter te hebben. Tim nam uitgebreid de tijd. Hij was de personificatie van ‘in verbinding staan met het electoraat’. We voerden een gesprek dat zo burgervriendelijk was, dat je bijna zou vergeten dat de uitkomst waarschijnlijk al vaststaat.

Want daar zit de crux. Tim is het ecologische raadslid dat de wethouder Paul Hofman (tevens GroenLinks) moet controleren. Maar hij heeft ook de pet op van fractievoorzitter die de politieke rugdekking organiseert. Het is een fascinerende spagaat: aan de ene kant de wetenschappelijke kennis van de kwetsbare natuur op de Veluwezoom, aan de andere kant de bestuurlijke drang om een project van een commerciële ontwikkelaar op de valreep door de raad te loodsen.

Wordt het een teken van dualisme, waarbij de fractie de wethouder kritisch op de vingers kijkt? Of blijkt het een goed geoliede machine waarbij de ecologische expertise vooral wordt ingezet om de scherpe randjes van een commercieel plan voor de bühne glad te strijken? Eén ding is zeker: ze zijn bij GroenLinks een stuk aanspreekbaarder dan bij de PvdA. Je zou bijna geloven dat ze naar je luisteren terwijl ze hun lang geleden geplaatste piketpaaltjes in beton gieten.

In het gesprek met Tim kwam de kern van de juridische en ecologische discussie naar voren: de keuze voor de referentiesituatie. Tim hanteerde de lijn die ook in het raadsvoorstel van 24 maart (Ontwerpverklaring van geen bedenkingen Buitenplaats Beekhuizen) staat beschreven. Het argument voor de ‘kwaliteitsimpuls’ en de berekende stikstofafname van 35% rust namelijk volledig op de vergelijking tussen de nieuwe plannen en de huidige planologische omstandigheden. In feite wordt de nieuwe situatie afgezet tegen de intensieve exploitatie van de afgelopen jaren door dezelfde eigenaren.

Ik heb hem voorgelegd dat dit een wankele basis is. De huidige situatie op Buitenplaats Beekhuizen is de afgelopen jaren stapsgewijs geïntensiveerd, waarbij de grenzen van de natuurwaarden al flink onder druk zijn gezet. Door nu juist die intensieve (en deels tijdelijke) situatie als nulmeting te gebruiken, ontstaat er op papier een verbetering, terwijl er in werkelijkheid sprake is van een permanente verstening en een structurele belasting van het Natura 2000-gebied.

Een zuivere vergelijking zou niet moeten kijken naar de recente commerciële exploitatie, maar naar de oorspronkelijke staat van Beekhuizen als eenvoudige natuurcamping. Dat is de situatie van vóór de oogluikend toegestane uitbreidingen en de komst van semi-permanente voorzieningen. In die oorspronkelijke staat was de ecologische voetafdruk minimaal. Vergeleken met die werkelijke referentie is de huidige stap naar vijftig permanente woningen en een groot restaurant geen winst, maar een substantiële achteruitgang voor de natuur.

Het was opvallend dat Tim, ondanks zijn achtergrond als ecoloog, bleef vasthouden aan de ambtelijke rekenmethode uit het raadsvoorstel. Voor hem lijkt de papieren werkelijkheid van de ‘interne saldering’ – waarbij stikstofruimte binnen de eigen vergunning wordt weggestreept – leidend te zijn voor de politieke besluitvorming.

De overtuigingskracht van dit hele dossier valt of staat met de bereidheid om mee te gaan in een papieren werkelijkheid. Wie het raadsvoorstel van 24 maart 2026 (zaaknummer Z2023-00000044) erop naslaat, ziet dat het niet alleen gaat over toekomstige natuurwinst, maar ook over het rechtbreien van wat nu krom is.

In het voorstel wordt de raad namelijk expliciet gevraagd om in te stemmen met het legaliseren van parkeerplaatsen en het formeel regelen van de wellness-voorzieningen (zoals een inmiddels beruchte sauna*). Het is de omgekeerde wereld: eerst worden er faciliteiten gerealiseerd die buiten de bestaande vergunningen vallen, en vervolgens wordt dit ‘voldongen feit’ gebruikt als argument voor een ‘kwaliteitsimpuls’ die planologisch moet worden vastgelegd.

Door de ‘ontwerpverklaring van geen bedenkingen’ één dag voor de verkiezingen, door de raad te loodsen, wordt de weg naar een definitieve vergunning nagenoeg onomkeerbaar. Als er tijdens de terinzagelegging geen zienswijzen komen, is het besluit een formaliteit geworden waar een nieuwe gemeenteraad straks geen invloed meer op heeft.

Het gesprek met Tim en Herriët liet zien dat GroenLinks de verbinding met de burger koestert, maar de politieke rugdekking voor hun wethouder en dit project zwaarder laat wegen. De beleefdheid aan de telefoon was oprecht, maar de politieke koers is dat ook: men kiest voor de weg van de minste weerstand, waarbij de stikstofberekeningen de morele bezwaren over de aantasting van de Veluwezoom moeten maskeren.

We gaan op 17 maart zien of de huidige raad deze ‘erfenis’ inderdaad nog snel even veiligstelt voor de volgende generatie bestuurders. Voor de natuur op Beekhuizen lijkt de beslissing echter al lang geleden te zijn genomen, ergens tussen de eerste illegale sauna en de laatste ambtelijke rekentabel.


*Over de sauna informeerde Jan Keemink, die in het bestuur van Stichting NatuurBehoud Veluwezoom zit, mij als volgt:

“Het betreffende gebied achter het hotel werd in 2011 door het ministerie bestemd als faunapassage voor de dassen van een vlakbij gelegen (70m) dassenburcht. Het idee kwam van Introvast. Voor een effectieve faunastrook moest het al eeuwen bestaande wandelpad verdwijnen, omdat dat natuurlijk storend is voor de das. In 2021 heeft de provincie de faunapassage geïnspecteerd om te beoordelen of die was ingericht volgens instructie. Zij was niet helemaal compleet en er moest nog een herinspectie volgen.

Nog geen twee jaar later vraagt Introvast aan een sauna te mogen plaatsen in die passage. De werkelijke motivatie voor het voorstel van Introvast wordt nu duidelijk. Op 21 november 2023 neemt B&W een positief besluit dat ze pas op 4 december publiceert. In verband met de verhuizing van het gemeentehuis en Kerst/Nieuwjaar bleven er slechts zes dagen over voor contact met de gemeente, want het besluit werd definitief op 2 januari.

In het bezwaar dat wij indienden, werden we bijna agressief ondervraagd over belanghebbendheid; geen woord over de inhoud van ons bezwaar. We werden gekwalificeerd als ‘niet-belanghebbend’ en het bezwaar als niet-ontvankelijk. Dit werd overgenomen door de provincie toen we een handhavingsverzoek indienden. Naderhand bleek de gemeente in de verslaglegging de publicatiedatum te hebben aangepast, evenals detailaanpassingen in de tekst.

Op het moment dat wij een voorlopige voorziening aanvroegen, bleek Introvast de sauna al geplaatst te hebben. Introvast beweerde het bezwaar niet gezien te hebben, ondanks onmiskenbare communicatie van de gemeente. De dassenburcht is op dit moment niet of minimaal in gebruik omdat die 70 meter echt te kort is; de das komt dan ’s avonds zijn hol niet uit. De minimale afstand is 200 meter. Wanneer de rust weer zou keren, komt de dassenclan gewoon weer terug in die burcht.”

Jan Keemink
(toegestuurd op 2 maart 2026)

Een achterdeurtje op de valreep?

Waarom het dossier Beekhuizen er één dag voor de verkiezingen doorheen gejast schijnt te worden.

De reacties op mijn eerdere bericht over Buitenplaats Beekhuizen stromen binnen. Het is duidelijk dat de plannen van projectontwikkelaar Introvast niet alleen de natuur raken, maar ook het rechtsgevoel van de inwoners van Rheden en omstreken. De politiek lijkt een tactisch spel met de kalender te spelen. Heeft de gemeente nou echt besloten om dit dossier er nog snel even ‘doorheen te jassen’, precies één dag voor de gemeenteraadsverkiezingen? Waarom de haast? Waarom mag een nieuw gekozen raad hier niet over oordelen? Is men bang voor de stem van de kiezer? Onderstaande brief ontving ik van Annelies van Vliet uit Velp. Zij schreef deze vlijmscherpe brandbrief aan de redactie van De Gelderlander. Haar analyse van de politieke timing is zo raak, dat ik haar bijdrage – en mijn reactie daarop – hier integraal deel.

Op deze afbeelding zien we het Boutique Hotel Beekhuizen: de architectonische voorhoede van wat de rest van het park nu ook te wachten staat. Hoewel het gebouw zich presenteert als onderdeel van de natuur, maakt het vooral de indruk van de eerste fase van een luxe woonwijk. Het is het levende bewijs van hoe de grens van het Natura 2000-gebied stap voor stap opschuift ten gunste van het vastgoed, totdat de natuur alleen nog als decoratie dient.

Besluit op de valreep

De gemeenteraad van Rheden heeft besloten de raadsagenda van maart een week naar voren te halen. Initiatiefnemer van deze agendawijziging: GroenLinks. Hierdoor wordt het definitieve besluit over de verbouwing van Buitenplaats Beekhuizen genomen op 17 maart; één dag vóór de gemeenteraadsverkiezingen. Vanavond staan al de oordeelsvormende én besluitvormende vergadering gepland.

Dat is op zijn minst opmerkelijk te noemen.

De verbouwing van Buitenplaats Beekhuizen is geen technisch detail of administratieve formaliteit. Het is een dossier dat leeft onder inwoners. Er zijn vele zorgen geuit, vragen gesteld en de meningen zijn verdeeld. De petitie over dit onderwerp is binnen vier dagen al bijna 500 keer getekend. Juist hierom verdient dit onderwerp maximale zorgvuldigheid. Geen besluitvorming op de valreep van een raadsperiode! 

De verantwoordelijk wethouder, eveneens van GroenLinks heeft duidelijk gemaakt dat hij het plan wil doorzetten. Dat mag. Maar door de agenda te vervroegen, wordt voorkomen dat een nieuw gekozen raad zich over dit dossier kan buigen. De huidige raad beslist nog snel even, vlak voor de kiezer zich uitspreekt. Dit voelt op z’n zachtst gezegd niet echt lekker.

Wat het extra opmerkelijk maakt, is dat juist GroenLinks zich achter dit plan schaart: (ver)bouwen in een Natura 2000-gebied roept immers fundamentele vragen op over natuurbehoud en ecologische grenzen.
Formeel klopt het allemaal. Maar politiek en moreel voelt het anders.

Als je vertrouwen wilt in de lokale politiek, dan moet je niet alleen binnen de regels blijven, maar ook boven elke twijfel verheven zijn. Een besluit met impact op onze leefomgeving, genomen één dag voor de verkiezingen, roept onvermijdelijk vragen op over timing en intentie.

Waarom niet een paar weken wachten? Wat is de noodzaak van deze haast? Welk zwaarwegend belang rechtvaardigt dit tempo?

Democratie gaat niet alleen over meerderheid van stemmen, maar ook over gevoel voor legitimiteit. Wie echt overtuigd is van de kracht van zijn plan, hoeft niet bang te zijn voor een beoordeling door een nieuwe raad.

Vertrouwen in de lokale politiek? Dit is nou precies zo’n voorbeeld waarom de kiezers dat vertrouwen verliezen.

Annelies van Vliet, Velp

Nadat ik deze brief las, kon ik niet anders dan haar direct complimenteren met deze scherpe observatie. Hieronder de mail die ik haar stuurde, waarin ik ook de balans opmaak van mijn eigen gesprekken met de betrokken raadsleden en dossierkenners van de afgelopen dagen.

Beste Annelies,

Hartelijk dank voor je reactie op mijn blogbericht en voor het delen van je krachtige ingezonden brief aan De Gelderlander. Complimenten voor de heldere verwoording; je legt de vinger precies op de zere plek wat betreft de democratische legitimiteit en de opmerkelijke timing van deze besluitvorming, vlak voor de verkiezingen. Ik hoop vurig dat de redactie de brief plaatst, want dit geluid moet gehoord worden.

Zelf ben ik eigenlijk pas eergisteren geconfronteerd met dit dossier en ik bevind mij nog in het stadium van ‘inlezen’. Mijn gevoel en intuïtie vertellen me echter dat dit onderwerp mijn volle aandacht verdient en ik ben dan ook van plan er vaker over te schrijven. Jouw inzet en scherpte sterken mij daarin.

Ik ben benieuwd of jij al lijnen hebt uitstaan of contact onderhoudt met een aantal sleutelfiguren in dit dossier. Ik ben de afgelopen dagen met de volgende personen in aanraking gekomen:

  • Jan Keemink (bestuurslid Stichting NatuurBehoud Veluwezoom): Hij heeft mij uitvoerig bijgepraat over de situatie, onder andere over de kwestie van de voortijdig geplaatste sauna.
  • Karin Mulder (journaliste bij De Gelderlander): Zij heeft al diverse artikelen aan dit onderwerp gewijd.
  • Goos Hageman (raadslid PvdA Rheden): Over hem plaatste ik vanmorgen een vrij venijnig blogbericht na een ontmoeting gisteren waarbij hij helaas weigerde het gesprek aan te gaan.
  • Tim Endeveld (fractievoorzitter GroenLinks): Hij was wel zo beleefd mij gisteren terug te bellen, waarna we een lang gesprek hebben gevoerd.
  • Herriët Heersink (raadslid GroenLinks): Zij belde mij gisteren ook terug en verwees mij door naar haar collega en dossierkenner Tim Endeveld, al liet zij zelf ook de nodige meningen doorschemeren over de situatie op Park Beekhuizen.

Nogmaals dank voor je betrokkenheid en je scherpe brief. Laten we hopen dat de politieke haast in Rheden niet onopgemerkt blijft voor de kiezer.

Met vriendelijke groet,

Ronald van Noorden

Wat volgt?

Het dossier Beekhuizen is meer dan een discussie over een paar vakantiehuisjes; het is een lakmoesproef voor hoe wij in Nederland omgaan met onze schaarse natuur én met onze democratische processen. De komende dagen blijf ik me verder inlezen en de druk op de ketel houden. Morgen duiken we dieper in de gesprekken die ik voerde met de fracties van de PvdA en GroenLinks. Want waarom de één zwijgt en de ander praat, zegt vaak meer dan het officiële partijprogramma.

Hallo Ronald,

Studio Rheden heeft het bericht opgepikt. (https://studiorheden.nl/2026/03/03/raad-rheden-drukt-verbouwing-beekhuizen-er-nog-snel-doorheen-vlak-voor-verkiezingen/)

Moest lachen om je blog over Goos Hageman. Jaaa, de PvdA heeft het lastig. ‘We willen wel groen zijn, maar niet als het ergens pijn doet’.

Ik zocht nog even op hoe de PvdA zich afficheerde op Studio Rheden voor de raadsverkiezingen in 2022. Groen hoor!

Ik ken de namen die je noemt in je mail. Ik ben met name benieuwd hoe GroenLinks gaat stemmen. Maar ik zou erg verbaasd zijn als de fractie tegen hun wethouder ingaat. Zo duaal is het allemaal niet bij de gemeente Rheden/in de GroenLinks-fractie. Dus vermoed ik dat ze voor dit onzalige plan gaan stemmen. 

Groet,

Annelies 

Hoi Annelies,

Dank voor de link naar Studio Rheden; goed om te zien dat de lokale media de druk op de ketel houden.

Ik hoop dat de heer Hageman ook nog enigszins de humor inziet van de toon die ik op mijn blog over hem aansla. Meteen nadat ik mijn goede vriend Constans Pos (ex-wethouder voor GroenLinks) de anekdote over onze ontmoeting had verteld, spoedde hij zich naar zijn favoriete koffiesalon om zijn vriend Goos te informeren over mijn plannen voor dat stukje. Op dat moment verkeerden we nog in een plagerige stemming, maar toen ik daadwerkelijk achter het toetsenbord kroop, werd mijn toon grimmiger bij al het ecologische onheil dat me voor ogen zweefde.

Er is dan ook werkelijk reden tot bezorgdheid. Zoals je schrijft: de situatie is ‘lastig’ voor de PvdA, maar dat is nog zacht uitgedrukt. Er gaapt een enorme kloof tussen wat men met de mond belijdt en wat men tijdens stemmingen goedkeurt. De ‘advertorial’ van de PvdA die je bijvoegde, is daar een pijnlijk voorbeeld van; die hypocrisie wordt almaar grotesker bij iedere verdere afbreuk van hun eigen groene principes.

Ik deel je vrees dat de GroenLinks-fractie braaf voor dit onzalige plan zal stemmen. Hoewel de vier raadsleden het college (en dus hun eigen wethouder Paul Hofman) formeel onafhankelijk moeten controleren, weten we beiden hoe het werkt. Achter de schermen, tijdens fractieoverleggen, wordt de politieke rugdekking allang beklonken. Van echt dualisme is hier waarschijnlijk weinig sprake.

We gaan het zien, maar zeker niet gelaten.

Groet,

Ronald

De koffiesalonsocialist

Van de barricaden naar de bonbons: hoe een volksvertegenwoordiger de verbinding verloor.

Misschien vergis ik me; ik mag het hopen. De man in kwestie draagt twee petten, wat zijn excuus zou kunnen zijn. Hij is raadslid voor de PvdA en uitbater van een lokale koffiesalon. Nu moeten we die dubbelrol niet overdrijven; in de Nederlandse gemeentepolitiek is het raadslidmaatschap formeel een bijbaan, een ‘nevenfunctie’ voor burgers die geacht worden midden in de samenleving te staan. Het is geen bovenmenselijke balanceeract, al bakt hij er in beide hoedanigheden – naar mijn bescheiden mening – weinig van.

Over de bittere nasmaak van neoliberaal links en het failliet van het lekenbestuur. De hier getoonde afbeelding is door AI gegenereerd om een representatieve indruk van de geschetste ontmoeting te geven en de privacy van de betrokkenen te waarborgen.

In theorie is het systeem van ons ‘lekenbestuur’ prachtig. Burgers offeren hun vrije tijd op voor het publiek belang in ruil voor een raadsvergoeding. Voor een gemeente van deze omvang praten we over zo’n zestien tot twintig uur per week; een inspanning die gecompenseerd wordt met een bedrag waarvan ik overigens moeiteloos fulltime zou kunnen leven. Tel daar de onkostenvergoedingen bij op en je hebt een positie die weliswaar ‘vrijwillig’ oogt, maar een professionele verantwoordelijkheid draagt.

Ik vermoed echter dat de man, toen ik hem belde, nog met zijn hoofd in de melkschuim zat. Zijn salon – een hybride tussen een chocolaterie en een espressobar – drijft hij samen met zijn vrouw in een monumentaal pand. Ze noemen het de “huiskamer van het dorp”. Een nobel streven, maar mijn eigen ervaringen in die huiskamer zijn minder warmbloedig.

Onze eerste ontmoeting dateert uit de tijd dat ik nog post bezorgde voor PostNL. Ik trof vrienden op zijn terras en raakte geanimeerd in gesprek. Toegegeven; in mijn oranje bedrijfskleding viel ik op en een ondernemer wil dat je óf bestelt óf doorloopt. Maar zoals vaker in het leven: het is de toon die de muziek maakt. Die toon was onaangenaam, en dat bleek een voorbode voor ons derde treffen.

Ditmaal zocht ik telefonisch contact met de raadslid-variant van de man. Ik wilde aan de ‘socialist’ in hem vragen of hij mijn relaas over de perikelen rond Park Beekhuizen op juistheid kon controleren. Geen politieke overhoring, maar een simpele feitelijke check over een dossier waarin commerciële recreatie en kwetsbare natuur lijnrecht tegenover elkaar staan.

Zijn reactie was direct defensief, bijna vijandig. Natuurlijk; dossiers worden verdeeld binnen een fractie, maar de manier waarop hij mij als burgervertegenwoordiger afkapte, voelde als een geraakte zenuw. Het was alsof ik zijn geweten aansprak. Het heeft er namelijk alle schijn van dat de lokale linkse fracties bij de definitieve beslissing over het park pijnlijk hard richting de commercie zullen neigen.

Ik liet mij niet onbetuigd en hield hem een spiegel voor. Zijn houding is exemplarisch voor de koers die de PvdA al sinds de jaren van Kok vaart: de definitieve knieval voor het neokapitalisme en de vermarkting van het publieke domein. De partij is verder komen te staan van de gewone burger en dichter bij de belangen van de gevestigde orde.

Daar zat hij dan aan de andere kant van de lijn; de koffiesalonsocialist. Een man die in zijn monumentale pand ambachtelijke bonbons verkoopt, maar de bittere nasmaak van de uitverkoop van onze publieke ruimte niet lijkt te proeven. En dat voor een voormalig vakbondsman.

De grote Veluwse verdwijntruc

Hoe we de natuur gaan redden met beton.

Het is weer zover. In het rijke Westen hebben we een prachtige traditie: iedere generatie moet een offer brengen aan de goden van de commercie. En wat is een beter offer dan een stukje Natura 2000-gebied dat er toch maar een beetje onbestemd bij leek te liggen? Ditmaal is de voormalige natuurcamping Beekhuizen aan de beurt, die inmiddels Buitenplaats Beekhuizen is gaan heten. Dankzij de visionaire blik van projectontwikkelaar Introvast, gesteund door de warme handdruk van de gemeente Rheden en de provincie Gelderland, gaan we de natuur eindelijk eens écht verbeteren. Hoe doen we dat? Nou, heel simpel.

Camping Beekhuizen in het Natura2000-gebied zoals het er nu uit zou zien*. Foto: Martin Slijper (geplaatst met gesupposeerde toestemming). De gemeente Rheden en provincie Gelderland lijken van plan om projectontwikkelaar Introvast de vergunningen te verstrekken om van de natuurcamping een permanent recreatiepark met groot restaurant te maken. Volledig in strijd natuurlijk met het feit dat dit gebied is aangemerkt als Natura2000 gebied. Stem tegen! https://natuurcampingbeekhuizen.petities.nl/

Stap één: we noemen vijftig permanente recreatiewoningen “kleinschalig”. Want laten we eerlijk zijn; in vergelijking met de stad Shanghai is een dorp van vijftig bungalows midden in het bos eigenlijk bijna onzichtbaar. De tijdelijke safaritenten die in 2026 moeten verdwijnen, maken plaats voor de eeuwigheid van funderingen en isolatiemateriaal. Dat is pas duurzaamheid: iets neerzetten dat nooit meer wegvliegt als het waait.

Stap twee: het “natuurversterkende” restaurant. Omdat de reeën en zwijnen op de Veluwezoom doodongelukkig zijn zonder de geur van biefstuk en de gezelligheid van 120 pratende mensen, bouwen we restaurant Woodz gewoon wat groter uit. Niets herstelt de biodiversiteit sneller dan een flinke portie stikstof en een terras vol toeristen. De provincie Gelderland knikt instemmend; het verwijderen van een oud hek is immers een eerlijke ruil voor een jaarrond geopend horecacomplex. Dat is de wiskunde van de vooruitgang.

Stap drie: de juridische acrobatiek. Natuurorganisaties zeuren over “referentiedatums” uit het jaar 2000. Alsof de stikstofuitstoot van een seizoenscamping van 25 jaar geleden te vergelijken is met een modern, commercieel vakantiepark dat 365 dagen per jaar open is. Maar maak je geen zorgen; de overheid heeft de oplossing. Als we het maar hard genoeg “kwaliteitsimpuls” noemen, veranderen de wetten van de natuurkunde en de ecologie vanzelf mee.

Op 17 maart 2026 mag de gemeenteraad van Rheden de definitieve stempel zetten. Het wordt een historisch moment. We laten zien dat we de natuur zó liefhebben, dat we haar het liefst opsluiten in een luxe vakantiepark met een sauna (die er trouwens “per ongeluk” al staat*). Proost op de vooruitgang. De Veluwezoom wordt eindelijk wat het altijd al had moeten zijn: een prachtig decor voor een projectontwikkelaar. Want echte natuur is leuk, maar natuur waar je een rekening voor kunt sturen, is natuurlijk veel beter.

*PS1: Er is een sauna gebouwd, ergens bij hotel Beekhuizen. Let wel, dat is in de buurt van, maar niet op de plekken waar ik het hierboven over heb. Het behoort dus NIET tot de genoemde camping of tot restaurant Woodz. Wat wel het geval is: hotel Beekhuizen, restaurant Woodz, Buitenplaats Beekhuizen en de sauna staan op naam van één eigenaar. De bouw van de sauna is exemplarisch. Deze werd een specifiek pijnpunt en bron van conflict in de juridische discussie rondom het park Beekhuizen. Het ding is al geruime tijd fysiek aanwezig en in gebruik. Natuurorganisaties hebben handhavingsverzoeken ingediend omdat de sauna geplaatst zou zijn zonder de juiste (natuur)vergunningen. Typisch voorbeeld van hoe de projectontwikkelaars vooruitlopen op officiële besluitvorming door simpelweg feiten op de grond te creëren. Het gaat om een zogenaamde “wellness-unit” of buitensauna die specifiek bedoeld is voor de gasten van de luxe kampeeraccommodaties (de pods en safaritenten).

Het geschil over de sauna zou je symbolisch kunnen noemen voor het bredere conflict:

  1. Bestemmingsplan: Volgens critici past een permanente sauna-installatie niet binnen de huidige bestemming van het gebied, zeker niet in een kwetsbaar Natura 2000-gebied.
  2. Verstening en impact: De aanwezigheid van dergelijke faciliteiten trekt een ander publiek aan en zorgt voor een hogere belasting van de omgeving (energieverbruik, licht, geluid), wat volgens natuurorganisaties strijdig is met de instandhoudingsdoelstellingen van de Veluwezoom.
  3. Juridisch handhaven: Omdat de sauna er al staat terwijl de permanente vergunningen (die in maart 2026 worden besproken) nog niet definitief zijn, wordt dit door omwonenden gezien als een vorm van illegale bebouwing die door de gemeente gedoogd wordt.

De sauna is dus niet zomaar een extraatje voor gasten, maar een cruciaal onderdeel van de juridische strijd over wat er wel en niet is toegestaan op deze specifieke locatie.

*PS2: Aanvulling op mijn eerdere bericht betreffende Woodz en Buitenplaats Beekhuizen.

Er moet niet gedacht worden dat de situatie op bovengenoemde plekken op dit moment erg voorbeeldig is. Integendeel: de huidige bedrijfsvoering bij restaurant Woodz ligt al geruime tijd onder vuur vanwege het structureel overschrijden van de geldende vergunningen.

Uit berichtgeving van De Gelderlander (mei 2023) en formele hoorzittingen bij de gemeente Rheden blijkt het volgende:

  • Illegaal gebruik: Volgens de vigerende vergunning mag Woodz uitsluitend gasten ontvangen die verblijven op de naastgelegen glamping. In de praktijk fungeert het echter als een openbaar restaurant dat jaarlijks naar schatting 50.000 bezoekers trekt. De gemeente heeft officieel erkend dat deze huidige werkwijze niet is toegestaan.
  • Verkeers- en milieudruk: Omwonenden ervaren een forse toename in verkeersoverlast, wat niet alleen de veiligheid en rust in de wijk Beekhuizen aantast, maar ook zorgt voor een ongewenste toename van fijnstof aan de rand van dit kwetsbare natuurgebied.
  • Bestuurlijk gedogen: Hoewel de overtredingen vaststaan, treedt de gemeente Rheden momenteel niet handhavend op. Men wacht de uitkomst van een nieuwe vergunningaanvraag voor nieuwbouw af. Dit wekt de schijn van een gedoogconstructie, waarbij het bestemmingsplan ondergeschikt wordt gemaakt aan de uitbreidingsplannen van de ondernemer.

Deze feiten onderstrepen dat de zorgen over de toekomst van dit gebied niet hypothetisch zijn; ze komen voort uit een realiteit waarin de huidige regels al niet worden nageleefd en de druk op de natuur en de leefomgeving de grens reeds heeft bereikt.

Dwaalgast

De vriendin moest echt af van het idee dat ze een vluchteling de dood in had gejaagd.

Gisteren vloog er bij een vriendin een snip tegen het raam. Het beest overleefde de botsing niet. Toen het mooi gedrapeerd op een blauw fond tussen een paar herfstversieringen dood lag te wezen, begon het determineren. We hadden het in wezen makkelijk want de meeste Nederlandse vogelgidsen bevatten maar twee snipvarianten: de watersnip en de houtsnip. Toch viel het nog niet mee. Na veel wikken en wegen concludeerden we dat het om een houtsnip moest gaan.

Wat ik me gisteren ook weer eens besefte tijdens het bladeren door mijn vogelboeken was het volgende: als je de mensheid zou moeten “determineren” zoals een vogelgids dat doet, zou er maar één pagina zijn, namelijk die van de Homo sapiens. Er zijn geen subpagina’s voor rassen of soorten. Een watersnip en een houtsnip kunnen zich onderling niet voortplanten omdat zij twee verschillende soorten zijn. Terwijl mensen van waar ook vandaan wel kinderen bij elkaar kunnen verwekken. Ik moet hier morgen een iets groter ei over leggen in een nieuw blogbericht.

Niet alleen de gelijkenis van het verse kadaver met de boekafbeeldingen leidde tot die conclusie, maar ook de bijbehorende omschrijving. Samengevat: houtsnippen horen thuis in vochtige bossen; als je er een aantreft op een binnenplaats in het hart van Amsterdam, is het beest zo goed als zeker verdwaald. Bij een watersnip kun je daar nog aan twijfelen. Er stroomt tenslotte water door het IJ. Mijn vriendin had zich enigszins schuldig gevoeld, want toen zij het dier – in nog levende staat – naderbij kwam, was het verschrikt opgeschoten. Vanachter een bamboestruik in haar ‘cours’ (zoals zij dat karig beplante vierkant tussen de apartementen noemt) vloog ‘snippie’ in een laatste opleving, zijn noodlot tegemoet.

Er was geen redden meer aan geweest, aldus mijn troostende verklaring. De vogel verkeerde waarschijnlijk al geruime tijd in een verhoogde staat van paniek. Ik vermoedde dat de eerste vuurwerkknallen hem volkomen gedesoriënteerd de stad in hadden gejaagd. De vriendin moest haar aandeel in zijn doodsnood niet overdrijven. Kwam ze niet altijd en overal op voor noodlijdende medeschepsels en deed ze dan niet alles wat in haar macht lag? Wat ze in dit geval kon, kwam neer op bezorgdheid tonen (aan de voortvluchtige in zijn nog levende hoedanigheid) en ‘een stukje nazorg’ (aan het hoopje ongeluk dat na de botsing zielloos ter aarde was gestort). Wat had ze anders kunnen doen dan toekijken? Ik bedoel: als stadsmens?

Oeps. Die laatste opmerking was, vrees ik, één vergoelijking te veel van het goede.