Scherven lijmen

De paradox van een overzichtelijk bestaan.

Ik vind het bestaan van Mona Khalil, zoals dat de revue passeert in een stuk in de Volkskrant, al zo veeleisend als ik erover lees, dat ik me niet kan voorstellen hoe iemand zo’n leven heeft kunnen leiden. Ik bedoel mijn opmerking niet denigrerend; ik heb alleen maar respect voor haar. Maar soms zijn de beslissingen die mensen nemen over hun toekomst voor mij onnavolgbaar. Had ik de keuze, dan zou ik altijd voor veiligheid gaan. Waarom keerde Navalny terug naar Rusland, Bhutto naar Pakistan, Bonhoeffer naar nazi-Duitsland en Mona naar Libanon? Om me tot haar te beperken: zij was restaurator van porselein in Den Haag. Een ambacht van scherven en lijm; overzichtelijk en misschien ook veelzeggend.

Khalil stortte zich op de bescherming van de zeeschildpad als een soort Lenie ’t Hart van de Mediterranee. Schildpaddenlevens ogen niet comfortabel. Hun instinct stelt hoge eisen, vooral dat van de vrouwtjes. Ik doel natuurlijk op dat jaarlijkse aan land kruipen als zeereptiel. Dit alles om eieren te verstoppen op een onveilige plek in een kwetsbaar natuurgebied. Afijn, iedereen kent die filmpjes. Het gestumper over het strand, het moeizame gegraaf in het zand, de verdrietige barensweeën in de manenschijn. Die beruchte schildpaddentraan als theatraal hoogtepunt. Dan nog het afdekken van de kuil vol broedsel met diezelfde onhandige zwemflappen en als klapstuk de trage terugtocht naar de golven.

Sommige beelden van fauna in nood zijn te erg voor woorden. Maar David Attenborough was nog niet klaar met ons. Hij deed de moeder uigeleide. Zij maakte haar tranen in de branding onzichtbaar. Nooit zou zij haar kroost geboren zien worden, maar wij natuurvrienden, wij werden verplicht om naar die desolate bevalling te blijven kijken. Het grut kroop na een filmische timelapse massaal uit de schalen. Er begon een helse tocht naar zee, nog onbeholpener dan we al gezien hadden. Ondertussen deden roofvogels zich aan hen tegoed. We werden ook bijgepraat over de andere bedreigingen: vervuiling, boze vissers, klimaatopwarming, oorlog en predatoren.

Nou goed, ik had het over het leven van Mona Khalil. Ik eindig hier met een vrij lang citaat uit het genoemde stuk door Tjerk Gualthérie van Weezel, dan begrijpt de lezer misschien waarom mijn behaaglijke dagelijkse ochtendritueel van een krantje met een croisantje soms wordt verstoord door een brok in m’n keel. En door de vraag wat voor sommigen de drang naar gevaar bepaalt.

‘Meer dan een kwart eeuw zette ze zich in voor anderhalve kilometer strand, dat voor de groene zeeschildpad en de dikkopschildpad een van de belangrijkste geboortegronden vormt in het oosten van de Middellandse Zee. Op 4 juni raakte Khalil zwaargewond nadat een bom insloeg naast haar slaapkamer. Ze was na de ontploffing nog bij kennis maar overleed twee weken later alsnog in een ziekenhuis in Beiroet.

Mona Khalil werd geboren als kind van Libanese ouders in Nigeria. De familie keerde terug naar Libanon, maar Mona ontvluchtte het land als twintiger toen er halverwege de jaren zeventig een burgeroorlog uitbrak. Die oorlog groeide uit tot een politiek en religieus ingewikkeld conflict waarbij in vijftien jaar een kwart miljoen mensen omkwamen.

Khalil, die zelf van sjiitische komaf was, vluchtte naar Nederland en bouwde in Den Haag een leven op als restaurator van porselein. Maar dat liet ze in 1999 achter na een levensveranderende ontmoeting tijdens een nachtelijke wandeling op Mansouri, het strand bij haar familiehuis. Daar, zo’n 15 kilometer ten zuiden van de eeuwenoude havenstad Tyrus, stuitte ze op een schildpad die in een zelfgegraven kuil haar eieren liet vallen. Deze dieren komen al sinds de tijd van de dinosaurussen terug naar hun geboortegrond, besefte Khalil. Zij wilde voorkomen dat daar door oorlog, dynamietvissen, vervuiling en hongerige honden en vossen een einde aan zou komen.

Achter die motivatie ging een groot persoonlijk drama schuil. Tijdens een vakantie op Libanon kwam haar zoon en enige kind om het leven. Hij was aan het snorkelen naar zeesterren toen hij door een speedboot werd overvaren. ‘Vanaf dat moment besloot Mona om haar leven in het teken te stellen van de meest kwetsbare wezens die ze vinden kon’, vertelde haar nicht Sara Beydoun zaterdag in The New Arab.

Khalil remigreerde naar Libanon waar ze, als eerbetoon aan het land dat zij achterliet, het huis van haar familie oranje schilderde. ‘Orange House’ werd in de jaren daarna een begrip bij de lokale bevolking. Het pension dat Khalil er samen met vriendin en mede-activist Habiba Sayed jarenlang runde, was de uitvalsbasis voor hun strijd voor de schildpad. Veelal westerse gasten en vrijwilligers verbleven er.

De actie voor behoud van het strand werd door Khalil en Sayed op verschillende fronten gevoerd. Ze ruimden dagelijks met vrijwilligers het strand op en probeerden vervuilers te achterhalen om te voorkomen dat er nog meer schildpadden zouden sterven na het eten van plastic. Nesten schermden ze af zodat honden en vossen de eieren niet konden uitgraven. Kinderen uit de buurt sloten de schildpad in het hart nadat ze aanwezig mochten zijn bij het vrijlaten van de kleintjes die net uit het ei waren gekomen. Vissers kregen de wind van voren wanneer ze schildpadden doodden als zondebokken voor afnemende visvangst.

Dat het werk van de twee vrouwen niet zonder risico’s was, werd al snel duidelijk. In 2006 beschreef de Volkskrant al hoe boze vissers het oranje pension onder vuur namen na klachten van ‘Mona en Habiba’ over hun manier van vissen.

Dat jaar laaiden precies tijdens het broedseizoen gevechten op tussen Israël en Hezbollah in Zuid-Libanon en moesten de schildpadbeschermers enige tijd naar Beiroet vluchten. Bij terugkomst hadden vossen een groot aantal nesten leeggeroofd en troffen ze vervuiling aan doordat Israël olie-opslagtanks had geraakt. Toch bleek het achteraf een succesvol seizoen.

Bij de nieuwe uitbraak van het conflict tussen Israël en Hezbollah besloot Khalil om Orange House niet meer te verlaten. Ze dacht dat de bommen burgers wel ongemoeid zouden laten. Dat bleek dus een fatale misrekening. ‘Onze angst is dat het strand met haar sterft’, zegt haar nicht tegen The New Arab. ‘Onze hoop is dat dit niet gebeurt.’

Tjerk Gualthérie van Weezel