Recentie: Houd van je buren maar haal de heg niet weg.

In de roman Houd van je buren maar haal de heg niet weg worden kleine menselijke drama’s gevangen. Vanuit het perspectief van een geamuseerd maar door schade en schande wijs geworden Einzelgänger – die luistert naar de naam Victor Weemans – ontvouwt zich een verhaal over nabijheid, verleiding, trouw en de dunne grens tussen bewondering en sarcasme.

Victor, een mislukt idealist op het gebied van de liefde, kijkt met een mengeling van ironie en oprechte verbazing naar zijn buren aan de andere kant van de heg: de ogenschijnlijk harmonieuze Nadine en haar echtgenoot Diederik, een man met een licht onbeholpen intellectuele uitstraling. Terwijl Victor door zijn eigen ervaringen – stukgelopen relaties, overspel en een diepgeworteld cynisme – geen illusies meer koestert over de houdbaarheid van romantische verbondenheid, bewondert hij tegelijkertijd de serene vanzelfsprekendheid waarmee zijn buren hun huwelijk lijken te bewaren.

Nadine stuurt hem regelmatig appjes met adviezen, als een vriendelijke, maar licht anachronistische gids, in een wereld die Victor allang achter zich heeft gelaten. Zij spreekt over trouw, over het belang van een frisse blik en het voorkomen van relationele luiheid. Victor, de geboren twijfelaar, vraagt zich af hoeveel daarvan werkelijk op zuiverheid berust en hoeveel op bewuste blindheid voor elkaars misstappen. Hij twijfelt niet zozeer aan hun liefde, maar wel aan de mythes die mensen nodig hebben om zichzelf daarin staande te houden.

De hoofdfiguur wordt mild maar genadeloos geschetst: Victor is niet enkel een rancuneuze buitenstaander, maar ook iemand die zijn eigen aandeel in eerdere mislukkingen onder ogen ziet. Zonder zichzelf te sparen – hij bekent bijvoorbeeld zonder omhaal een affaire te hebben gehad met de vrouw van een vriend – probeert hij zijn rol te vinden als ‘hofnar’ in het leven van Nadine en Diederik: degene die alles mag zeggen zolang hij niet te ver gaat. Maar hij weet: narren zijn nooit echt veilig.

Het boek ontleent zijn kracht aan de licht ironische, maar nooit bittermakende toon waarin de personages tot leven komen. De onderhuidse melancholie geeft de luchtige passages extra reliëf. Het verhaal is beeldend en levendig opgebouwd, met een scherp oor voor het ritme van de gedachtegang van een man die zichzelf bij vlagen serieus neemt, maar tegelijk beseft dat zijn waarheden net zo feilbaar zijn als die van zijn buren. De roman weet de banaliteit én de schoonheid van menselijke relaties treffend uit te lichten. Grote drama’s of onwaarschijnlijke wendingen blijven uit; het drama schuilt in het kleine, het alledaagse. In het onuitgesproken weten dat achter elke heg, hoe zorgvuldig ook gesnoeid, verhalen schuilgaan die nooit volledig verteld zullen worden.

Toch is Houd van je buren maar haal de heg niet weg niet helemaal verstoken van dramatiek. Onder de ogenschijnlijke kneuterigheid sluimert spanning, die op een bepaald moment een onschuldige grens overschrijdt. Een kleine, bijna achteloze daad — een misplaatste grap, een onverwachte bekentenis — brengt de vriendschap tussen de buren aan het wankelen. Wat volgt is geen schreeuwende breuk, maar een pijnlijke verschuiving, een stille verwijdering, die des te schrijnender is omdat niemand haar hardop durft te benoemen.

Het boek laat zien dat niet alleen grootse daden, maar vooral kleine misstappen ons leven tekenen. De fragiele balans waarop menselijke verbondenheid rust wordt scherp verbeeld, alsook hoe eenvoudig het is om, zelfs zonder kwade wil, die balans voorgoed te verstoren. Juist door grote drama’s te mijden, voelt de ingehouden ontwrichting des te wranger en echter.

Houd van je buren maar haal de heg niet weg is een ode aan de menselijke halfslachtigheid, verpakt in een luchtig maar trefzeker verhaal, een stille triomf voor wie houdt van romans die evenveel begrip tonen voor de drang naar trouw als voor de onontkoombare neiging tot falen.