Een achterdeurtje op de valreep?

Waarom het dossier Beekhuizen er één dag voor de verkiezingen doorheen gejast schijnt te worden.

De reacties op mijn eerdere bericht over Buitenplaats Beekhuizen stromen binnen. Het is duidelijk dat de plannen van projectontwikkelaar Introvast niet alleen de natuur raken, maar ook het rechtsgevoel van de inwoners van Rheden en omstreken. De politiek lijkt een tactisch spel met de kalender te spelen. Heeft de gemeente nou echt besloten om dit dossier er nog snel even ‘doorheen te jassen’, precies één dag voor de gemeenteraadsverkiezingen? Waarom de haast? Waarom mag een nieuw gekozen raad hier niet over oordelen? Is men bang voor de stem van de kiezer? Onderstaande brief ontving ik van Annelies van Vliet uit Velp. Zij schreef deze vlijmscherpe brandbrief aan de redactie van De Gelderlander. Haar analyse van de politieke timing is zo raak, dat ik haar bijdrage – en mijn reactie daarop – hier integraal deel.

Op deze afbeelding zien we het Boutique Hotel Beekhuizen: de architectonische voorhoede van wat de rest van het park nu ook te wachten staat. Hoewel het gebouw zich presenteert als onderdeel van de natuur, maakt het vooral de indruk van de eerste fase van een luxe woonwijk. Het is het levende bewijs van hoe de grens van het Natura 2000-gebied stap voor stap opschuift ten gunste van het vastgoed, totdat de natuur alleen nog als decoratie dient.

Besluit op de valreep

De gemeenteraad van Rheden heeft besloten de raadsagenda van maart een week naar voren te halen. Initiatiefnemer van deze agendawijziging: GroenLinks. Hierdoor wordt het definitieve besluit over de verbouwing van Buitenplaats Beekhuizen genomen op 17 maart; één dag vóór de gemeenteraadsverkiezingen. Vanavond staan al de oordeelsvormende én besluitvormende vergadering gepland.

Dat is op zijn minst opmerkelijk te noemen.

De verbouwing van Buitenplaats Beekhuizen is geen technisch detail of administratieve formaliteit. Het is een dossier dat leeft onder inwoners. Er zijn vele zorgen geuit, vragen gesteld en de meningen zijn verdeeld. De petitie over dit onderwerp is binnen vier dagen al bijna 500 keer getekend. Juist hierom verdient dit onderwerp maximale zorgvuldigheid. Geen besluitvorming op de valreep van een raadsperiode! 

De verantwoordelijk wethouder, eveneens van GroenLinks heeft duidelijk gemaakt dat hij het plan wil doorzetten. Dat mag. Maar door de agenda te vervroegen, wordt voorkomen dat een nieuw gekozen raad zich over dit dossier kan buigen. De huidige raad beslist nog snel even, vlak voor de kiezer zich uitspreekt. Dit voelt op z’n zachtst gezegd niet echt lekker.

Wat het extra opmerkelijk maakt, is dat juist GroenLinks zich achter dit plan schaart: (ver)bouwen in een Natura 2000-gebied roept immers fundamentele vragen op over natuurbehoud en ecologische grenzen.
Formeel klopt het allemaal. Maar politiek en moreel voelt het anders.

Als je vertrouwen wilt in de lokale politiek, dan moet je niet alleen binnen de regels blijven, maar ook boven elke twijfel verheven zijn. Een besluit met impact op onze leefomgeving, genomen één dag voor de verkiezingen, roept onvermijdelijk vragen op over timing en intentie.

Waarom niet een paar weken wachten? Wat is de noodzaak van deze haast? Welk zwaarwegend belang rechtvaardigt dit tempo?

Democratie gaat niet alleen over meerderheid van stemmen, maar ook over gevoel voor legitimiteit. Wie echt overtuigd is van de kracht van zijn plan, hoeft niet bang te zijn voor een beoordeling door een nieuwe raad.

Vertrouwen in de lokale politiek? Dit is nou precies zo’n voorbeeld waarom de kiezers dat vertrouwen verliezen.

Annelies van Vliet, Velp

Nadat ik deze brief las, kon ik niet anders dan haar direct complimenteren met deze scherpe observatie. Hieronder de mail die ik haar stuurde, waarin ik ook de balans opmaak van mijn eigen gesprekken met de betrokken raadsleden en dossierkenners van de afgelopen dagen.

Beste Annelies,

Hartelijk dank voor je reactie op mijn blogbericht en voor het delen van je krachtige ingezonden brief aan De Gelderlander. Complimenten voor de heldere verwoording; je legt de vinger precies op de zere plek wat betreft de democratische legitimiteit en de opmerkelijke timing van deze besluitvorming, vlak voor de verkiezingen. Ik hoop vurig dat de redactie de brief plaatst, want dit geluid moet gehoord worden.

Zelf ben ik eigenlijk pas eergisteren geconfronteerd met dit dossier en ik bevind mij nog in het stadium van ‘inlezen’. Mijn gevoel en intuïtie vertellen me echter dat dit onderwerp mijn volle aandacht verdient en ik ben dan ook van plan er vaker over te schrijven. Jouw inzet en scherpte sterken mij daarin.

Ik ben benieuwd of jij al lijnen hebt uitstaan of contact onderhoudt met een aantal sleutelfiguren in dit dossier. Ik ben de afgelopen dagen met de volgende personen in aanraking gekomen:

  • Jan Keemink (bestuurslid Stichting NatuurBehoud Veluwezoom): Hij heeft mij uitvoerig bijgepraat over de situatie, onder andere over de kwestie van de voortijdig geplaatste sauna.
  • Karin Mulder (journaliste bij De Gelderlander): Zij heeft al diverse artikelen aan dit onderwerp gewijd.
  • Goos Hageman (raadslid PvdA Rheden): Over hem plaatste ik vanmorgen een vrij venijnig blogbericht na een ontmoeting gisteren waarbij hij helaas weigerde het gesprek aan te gaan.
  • Tim Endeveld (fractievoorzitter GroenLinks): Hij was wel zo beleefd mij gisteren terug te bellen, waarna we een lang gesprek hebben gevoerd.
  • Herriët Heersink (raadslid GroenLinks): Zij belde mij gisteren ook terug en verwees mij door naar haar collega en dossierkenner Tim Endeveld, al liet zij zelf ook de nodige meningen doorschemeren over de situatie op Park Beekhuizen.

Nogmaals dank voor je betrokkenheid en je scherpe brief. Laten we hopen dat de politieke haast in Rheden niet onopgemerkt blijft voor de kiezer.

Met vriendelijke groet,

Ronald van Noorden

Wat volgt?

Het dossier Beekhuizen is meer dan een discussie over een paar vakantiehuisjes; het is een lakmoesproef voor hoe wij in Nederland omgaan met onze schaarse natuur én met onze democratische processen. De komende dagen blijf ik me verder inlezen en de druk op de ketel houden. Morgen duiken we dieper in de gesprekken die ik voerde met de fracties van de PvdA en GroenLinks. Want waarom de één zwijgt en de ander praat, zegt vaak meer dan het officiële partijprogramma.

Hallo Ronald,

Studio Rheden heeft het bericht opgepikt. (https://studiorheden.nl/2026/03/03/raad-rheden-drukt-verbouwing-beekhuizen-er-nog-snel-doorheen-vlak-voor-verkiezingen/)

Moest lachen om je blog over Goos Hageman. Jaaa, de PvdA heeft het lastig. ‘We willen wel groen zijn, maar niet als het ergens pijn doet’.

Ik zocht nog even op hoe de PvdA zich afficheerde op Studio Rheden voor de raadsverkiezingen in 2022. Groen hoor!

Ik ken de namen die je noemt in je mail. Ik ben met name benieuwd hoe GroenLinks gaat stemmen. Maar ik zou erg verbaasd zijn als de fractie tegen hun wethouder ingaat. Zo duaal is het allemaal niet bij de gemeente Rheden/in de GroenLinks-fractie. Dus vermoed ik dat ze voor dit onzalige plan gaan stemmen. 

Groet,

Annelies 

Hoi Annelies,

Dank voor de link naar Studio Rheden; goed om te zien dat de lokale media de druk op de ketel houden.

Ik hoop dat de heer Hageman ook nog enigszins de humor inziet van de toon die ik op mijn blog over hem aansla. Meteen nadat ik mijn goede vriend Constans Pos (ex-wethouder voor GroenLinks) de anekdote over onze ontmoeting had verteld, spoedde hij zich naar zijn favoriete koffiesalon om zijn vriend Goos te informeren over mijn plannen voor dat stukje. Op dat moment verkeerden we nog in een plagerige stemming, maar toen ik daadwerkelijk achter het toetsenbord kroop, werd mijn toon grimmiger bij al het ecologische onheil dat me voor ogen zweefde.

Er is dan ook werkelijk reden tot bezorgdheid. Zoals je schrijft: de situatie is ‘lastig’ voor de PvdA, maar dat is nog zacht uitgedrukt. Er gaapt een enorme kloof tussen wat men met de mond belijdt en wat men tijdens stemmingen goedkeurt. De ‘advertorial’ van de PvdA die je bijvoegde, is daar een pijnlijk voorbeeld van; die hypocrisie wordt almaar grotesker bij iedere verdere afbreuk van hun eigen groene principes.

Ik deel je vrees dat de GroenLinks-fractie braaf voor dit onzalige plan zal stemmen. Hoewel de vier raadsleden het college (en dus hun eigen wethouder Paul Hofman) formeel onafhankelijk moeten controleren, weten we beiden hoe het werkt. Achter de schermen, tijdens fractieoverleggen, wordt de politieke rugdekking allang beklonken. Van echt dualisme is hier waarschijnlijk weinig sprake.

We gaan het zien, maar zeker niet gelaten.

Groet,

Ronald

De koffiesalonsocialist

Van de barricaden naar de bonbons: hoe een volksvertegenwoordiger de verbinding verloor.

Misschien vergis ik me; ik mag het hopen. De man in kwestie draagt twee petten, wat zijn excuus zou kunnen zijn. Hij is raadslid voor de PvdA en uitbater van een lokale koffiesalon. Nu moeten we die dubbelrol niet overdrijven; in de Nederlandse gemeentepolitiek is het raadslidmaatschap formeel een bijbaan, een ‘nevenfunctie’ voor burgers die geacht worden midden in de samenleving te staan. Het is geen bovenmenselijke balanceeract, al bakt hij er in beide hoedanigheden – naar mijn bescheiden mening – weinig van.

Over de bittere nasmaak van neoliberaal links en het failliet van het lekenbestuur. De hier getoonde afbeelding is door AI gegenereerd om een representatieve indruk van de geschetste ontmoeting te geven en de privacy van de betrokkenen te waarborgen.

In theorie is het systeem van ons ‘lekenbestuur’ prachtig. Burgers offeren hun vrije tijd op voor het publiek belang in ruil voor een raadsvergoeding. Voor een gemeente van deze omvang praten we over zo’n zestien tot twintig uur per week; een inspanning die gecompenseerd wordt met een bedrag waarvan ik overigens moeiteloos fulltime zou kunnen leven. Tel daar de onkostenvergoedingen bij op en je hebt een positie die weliswaar ‘vrijwillig’ oogt, maar een professionele verantwoordelijkheid draagt.

Ik vermoed echter dat de man, toen ik hem belde, nog met zijn hoofd in de melkschuim zat. Zijn salon – een hybride tussen een chocolaterie en een espressobar – drijft hij samen met zijn vrouw in een monumentaal pand. Ze noemen het de “huiskamer van het dorp”. Een nobel streven, maar mijn eigen ervaringen in die huiskamer zijn minder warmbloedig.

Onze eerste ontmoeting dateert uit de tijd dat ik nog post bezorgde voor PostNL. Ik trof vrienden op zijn terras en raakte geanimeerd in gesprek. Toegegeven; in mijn oranje bedrijfskleding viel ik op en een ondernemer wil dat je óf bestelt óf doorloopt. Maar zoals vaker in het leven: het is de toon die de muziek maakt. Die toon was onaangenaam, en dat bleek een voorbode voor ons derde treffen.

Ditmaal zocht ik telefonisch contact met de raadslid-variant van de man. Ik wilde aan de ‘socialist’ in hem vragen of hij mijn relaas over de perikelen rond Park Beekhuizen op juistheid kon controleren. Geen politieke overhoring, maar een simpele feitelijke check over een dossier waarin commerciële recreatie en kwetsbare natuur lijnrecht tegenover elkaar staan.

Zijn reactie was direct defensief, bijna vijandig. Natuurlijk; dossiers worden verdeeld binnen een fractie, maar de manier waarop hij mij als burgervertegenwoordiger afkapte, voelde als een geraakte zenuw. Het was alsof ik zijn geweten aansprak. Het heeft er namelijk alle schijn van dat de lokale linkse fracties bij de definitieve beslissing over het park pijnlijk hard richting de commercie zullen neigen.

Ik liet mij niet onbetuigd en hield hem een spiegel voor. Zijn houding is exemplarisch voor de koers die de PvdA al sinds de jaren van Kok vaart: de definitieve knieval voor het neokapitalisme en de vermarkting van het publieke domein. De partij is verder komen te staan van de gewone burger en dichter bij de belangen van de gevestigde orde.

Daar zat hij dan aan de andere kant van de lijn; de koffiesalonsocialist. Een man die in zijn monumentale pand ambachtelijke bonbons verkoopt, maar de bittere nasmaak van de uitverkoop van onze publieke ruimte niet lijkt te proeven. En dat voor een voormalig vakbondsman.

Maak ik me ook eens hard voor de natuur…

…laat ik de journalistieke zorgvuldigheid pas na plaatsing van mijn stukje op de feiten aansluiten.

Geachte redactie / Beste Karin Mulder,

Naar aanleiding van uw artikelen “Buurman Tim strijdt tegen populair restaurant aan de rand van de Veluwe” en “Fel verzet tegen plannen voor fonkelnieuw bosrestaurant met 120 zitplaatsen” in De Gelderlander neem ik contact met u op.

Gisteren heb ik op mijn persoonlijke blog een bericht geplaatst over de huidige ontwikkelingen en plannen rondom restaurant Woodz en de Buitenplaats Beekhuizen. Hoewel dit bericht mede vanuit een persoonlijke betrokkenheid is geschreven, hecht ik grote waarde aan een feitelijk juiste onderbouwing van de context.

Restaurant Woodz, onderdeel van Buitenplaats Beekhuizen. Foto: Marc Pluim (geplaatst met gesupposeerde toestemming).

In een annex bij dit bericht heb ik de situatie samengevat zoals die in uw artikelen en tijdens de betreffende hoorzitting naar voren kwam. Omdat ik de journalistieke nauwkeurigheid van uw verslaglegging als de standaard voor deze kwestie zie, wil ik er zeker van zijn dat ik de finesses en de standpunten van de betrokken partijen – zoals de heer Tim Bot en de gemeente Rheden – accuraat heb weergegeven.

Zou u bereid zijn om de passage in de annex kort te screenen op feitelijke onjuistheden? Mocht blijken dat er nuances ontbreken of dat zaken onjuist zijn geïnterpreteerd, dan zal ik mijn publicatie direct corrigeren.

U kunt het volledige bericht hier teruglezen: [https://ronaldvannoorden.com/2026/03/01/de-grote-veluwse-verdwijntruc/]

Ik hoor graag of u deze korte check voor mij zou willen doen. Alvast hartelijk dank voor uw tijd en voor uw heldere berichtgeving over dit dossier.

Met vriendelijke groet,


PS: Hieronder de genoemde artikelen van Karin Mulder in De Gelderlander:

Artikel 1, geplaatst in De Gelderlander op 24 mei 2023

De gemeente Rheden moet ingrijpen bij restaurant Woodz aan de rand van de Veluwezoom. Dat stelt Tim Bot, bewoner van de aangrenzende wijk Beekhuizen, die de strijd aangaat tegen Woodz. ,,Wat er nu gebeurt, mag gewoon niet.”

Woodz trekt volgens Bot veel meer bezoekers dan is toegestaan volgens de huidige vergunning. In oktober vorig jaar vroeg hij de gemeente voor de tweede maal om daar paal en perk aan te stellen.

Volgens de huidige vergunning mag Woodz uitsluitend gasten ontvangen van Buitenplaats Beekhuizen, de glamping naast het restaurant. Maar er komen ook andere bezoekers naar het populaire restaurant, aan de rand van de bossen bij Velp. In totaal zijn het er 50.000 per jaar, stelt Bot.

In 2021 diende hij al eens een handhavingsverzoek in bij de gemeente Rheden. Toen werd zijn verzoek afgewezen, omdat Bot geen belanghebbende zou zijn.

Dinsdag lichtte Bot zijn verzoek toe bij de adviescommissie. Volgens een juridisch medewerker van de gemeente Rheden had ook dit tweede handhavingsverzoek afgewezen moeten worden. Door een samenloop van omstandigheden, waaronder zoekgeraakte post – ,,Niet netjes”, gaf de medewerker toe – kon Bot dinsdag toch zijn bezwaren toelichten bij de adviescommissie.

Volgens Bot, bewoner van Beekhuizen, is de verkeersdruk in zijn wijk de afgelopen jaren flink toegenomen. Dat zorgt voor een afname van rust en veiligheid en een toename van geluidsoverlast, stelt hij. ,,Maar bovendien: auto’s stoten fijnstof uit. Fijnstof is ook in kleine hoeveelheden schadelijk voor de gezondheid.”

Of die verkeerstoename uitsluitend door Woodz komt, betwijfelt directielid Judith Stoevelaar van Buitenplaats Beekhuizen: ,,Rondom Woodz zijn meer bedrijven gevestigd. Ook de tennis- en de hockeyvereniging zitten in de buurt. Er wordt gegoocheld met cijfers.”

Buitenplaats Beekhuizen diende eerder dit jaar een vergunningaanvraag in bij de gemeente voor nieuwbouw op het terrein. In afwachting van de behandeling van deze aanvraag treedt de gemeente niet handhavend op bij Woodz. ,,We hebben wel aangegeven: wat u doet, is niet toegestaan.”

De juridisch medewerker noemde het onredelijk om handhaving nu door te zetten, er ligt immers een vergunningaanvraag. Tijdens de hoorzitting bleek dat er contact is geweest tussen Buitenplaats Beekhuizen en de verantwoordelijk wethouder, voordat de vergunningaanvraag werd ingediend.

Bot was verbijsterd. ,,Ik ben ontstemd, dit riekt naar gedogen. Het bestemmingsplan moet gewoon worden nageleefd.”

Volgens Stoevelaar worden de plannen van Buitenplaats Beekhuizen al jaren breed gedragen door politiek Rheden en de gemeente. Op vragen van De Gelderlander wilde Stoevelaar na afloop van de hoorzitting niet ingaan.

Karin Mulder

Artikel 2, geplaatst in De Gelderlander op 19 oktober 2025:

In de bossen bij Velp, op de plek van het huidige restaurant Woodz, moet een fonkelnieuw restaurant komen, met 120 zitplaatsen. De plannen stuiten op fel verzet: „De gemeente is faliekant tegen een McDonald’s aan de rand van het bos. En dit kan wel? Onbegrijpelijk.” Wat is er aan de hand?

Restaurant Woodz is onderdeel van Buitenplaats Beekhuizen. Dit vakantiepark omvat 28 houten boshuisjes, sommige met hottub, en 22 luxe lodgetenten, middenin de natuur.

Omdat de huidige vergunning per april 2026 afloopt, is ook een nieuwe, permanente vergunning nodig voor de vijftig vakantieverblijven. Die blijven zoals ze zijn, laat mede-eigenaar Judith Stoevelaar weten.

Wél zijn restaurant Woodz en ook de receptie en het linnenhok van Buitenplaats Beekhuizen toe aan vernieuwing, stelt de eigenaar: „Voor onze toekomst is het nodig om de bestaande facilitaire gebouwen te vervangen. Duurzaamheid staat voor ons voorop, met oog voor natuur, landschap en vormgeving.”

De nieuwbouwplannen stuiten op verzet. Omwonenden vrezen overlast. Ze zagen de vroegere natuurcamping uit de jaren zestig veranderen in de populaire accommodatie die Buitenplaats Beekhuizen nu is.

„Funest voor de kwetsbare natuur”, benadrukt Jan Keemink van Stichting Natuurbehoud Veluwezoom. „Het hele gebied rondom het park is na zonsondergang gesloten. Verboden terrein, om de natuur te beschermen. Een restaurant dat soms tot acht of zelfs tot tien uur ’s avonds is geopend, past daar niet. Dat zorgt voor een te grote verstoring van dit natuurgebied.”

Woodz, nu gevestigd in twee containers, is een geliefd plekje, weet mede-eigenaar Stoevelaar: „Voor ouders met kinderen, voor buurtbewoners die over het landgoed naar ons toe wandelen, voor hardlopers en wielrenners die neerploffen na een sportief rondje.”

Dat gebeurt illegaal, benadrukt Tim Bot, net als Keemink betrokken bij Stichting Natuurbehoud Veluwezoom: „Woodz is volgens de huidige vergunning alléén bedoeld voor gasten van het vakantiepark en van het nabijgelegen hotel.”

Dat hotel is Boutique Hotel Beekhuizen, aan de overkant van de Beekhuizenseweg, ook onderdeel van Buitenplaats Beekhuizen en eigendom van Judith Stoevelaar en haar zus Irene. Bot: „Woodz is niet bedoeld voor andere bezoekers. Toch komen die massaal. En de gemeente doet niets.”

In afwachting van de nieuwe vergunning wordt de situatie gedoogd, liet de gemeente Rheden eerder al weten. „Zolang de aanvraag nog in behandeling is, handhaven wij niet actief.”

Intussen is die aanvraag ruim tweeëneenhalf jaar in behandeling. „Onbegrijpelijk”, vinden Bot en Keemink. „Waarom moet dit zolang duren? Dit is een beschermd natuurgebied, daar is nieuwbouw niet toegestaan.”

„De gemeente is faliekant tegen een McDonald’s in Rheden, nota bene op een paar honderd meter afstand van de bosrand. En dan zou dit wel kunnen, nieuwbouw ín de bossen? Voor de gemeente is dit ongetwijfeld een hoofdpijndossier.”

Een woordvoerder van de gemeente Rheden laat weten dat nog wordt gewerkt aan de vergunningaanvraag voor Buitenplaats Beekhuizen; de gemeente onderzoekt of de aanvraag buiten het zogenoemde voorbereidingsbesluit van de provincie valt.

Dat besluit verbiedt alle nieuwe activiteiten die stikstof uitstoten in een straal van 500 meter van Natura 2000-gebieden. Er zijn een paar uitzonderingen: bestaande activiteiten mogen blijven, uitbreiding ervan kan niet.

Of de nieuwbouwplannen van Buitenplaats Beekhuizen passen, is dus de vraag. „Om dat helder te krijgen, moet er een heel aantal aanvullende stukken aangeleverd worden”, meldt de gemeentewoordvoerder. „Hierin werken de eigenaren en wij als gemeente met elkaar samen.”

„Zorgvuldigheid staat wat ons betreft voorop en dat kost nu eenmaal tijd”, reageert Stoevelaar. „Er zijn door de gemeente aanvullende eisen gesteld voor wat betreft landschappelijke en ecologische aspecten, waardoor aanpassingen nodig waren.”

„Wij willen terug naar de situatie zoals die was”, zegt Keemink. „Dit was een seizoensgebonden natuurcamping, die maar een deel van het jaar open was. Het restaurant was vergund voor 25 zitplaatsen binnen, dat aantal is stukje bij beetje uitgebreid naar de 120 plekken die er nu zijn, vooral buiten op het terras.”

Het ‘snoepeffect’ is dit volgens Lennard Jasper, directeur van Stichting Behoud Veluwsch Landschap: „Ondernemers snoepen overal steeds meer stukjes natuur bij hun bedrijf. Dat gaat sluimerend. Het is op plekken als deze zoeken naar balans. Op het moment dat hier permanente voorzieningen komen, moet je de zaken goed voor elkaar hebben.”

Volgens Stoevelaar blijft Woodz een knus restaurant, maar wordt het volledig duurzaam met gebruik van natuurlijke materialen: „Terecht heeft de gemeente hoge kwaliteitseisen opgelegd. Door de aanpassingen zitten we nu op één lijn.”

„Wij denken de afgelopen tien jaar een goede balans te hebben gevonden tussen natuur, verblijfsrecreatie en buurtfunctie. Dat vinden ook andere partijen; regelmatig geven wij op verzoek uitleg over onze natuurinclusieve onderneming, zoals bijvoorbeeld aan Vitale Vakantieparken en Groene Metropoolregio.”

Bot en Keemink blijven sceptisch. „Dit is greenwashing, hier wordt een overdreven positief beeld geschetst van de duurzaamheid van de onderneming. Dat gebeurt vaker. Niemand kan ontkennen dat de ontwikkelingen van de afgelopen jaren een aanslag zijn op de kwetsbare natuur in dit gebied.”

De eigenaar is verbaasd dat er tegenstanders zijn: „Ons plan betreft enkel het behoud van de al aanwezige accommodaties en de vervanging van onze verouderde gebouwen. De kleinschaligheid blijft gelijk.”

Lennard Jasper, van Stichting Behoud Veluwsch Landschap, plaatst kanttekeningen. „Het gaat om de samenhang in een gebied. Als je hier kijkt naar de ontwikkelingen van de laatste jaren, Buitenplaats Beekhuizen met restaurant Woodz, én het hotel aan de overkant, dan lijkt het toch te groot geworden.”

Karin Mulder

De grote Veluwse verdwijntruc

Hoe we de natuur gaan redden met beton.

Het is weer zover. In het rijke Westen hebben we een prachtige traditie: iedere generatie moet een offer brengen aan de goden van de commercie. En wat is een beter offer dan een stukje Natura 2000-gebied dat er toch maar een beetje onbestemd bij leek te liggen? Ditmaal is de voormalige natuurcamping Beekhuizen aan de beurt, die inmiddels Buitenplaats Beekhuizen is gaan heten. Dankzij de visionaire blik van projectontwikkelaar Introvast, gesteund door de warme handdruk van de gemeente Rheden en de provincie Gelderland, gaan we de natuur eindelijk eens écht verbeteren. Hoe doen we dat? Nou, heel simpel.

Camping Beekhuizen in het Natura2000-gebied zoals het er nu uit zou zien*. Foto: Martin Slijper (geplaatst met gesupposeerde toestemming). De gemeente Rheden en provincie Gelderland lijken van plan om projectontwikkelaar Introvast de vergunningen te verstrekken om van de natuurcamping een permanent recreatiepark met groot restaurant te maken. Volledig in strijd natuurlijk met het feit dat dit gebied is aangemerkt als Natura2000 gebied. Stem tegen! https://natuurcampingbeekhuizen.petities.nl/

Stap één: we noemen vijftig permanente recreatiewoningen “kleinschalig”. Want laten we eerlijk zijn; in vergelijking met de stad Shanghai is een dorp van vijftig bungalows midden in het bos eigenlijk bijna onzichtbaar. De tijdelijke safaritenten die in 2026 moeten verdwijnen, maken plaats voor de eeuwigheid van funderingen en isolatiemateriaal. Dat is pas duurzaamheid: iets neerzetten dat nooit meer wegvliegt als het waait.

Stap twee: het “natuurversterkende” restaurant. Omdat de reeën en zwijnen op de Veluwezoom doodongelukkig zijn zonder de geur van biefstuk en de gezelligheid van 120 pratende mensen, bouwen we restaurant Woodz gewoon wat groter uit. Niets herstelt de biodiversiteit sneller dan een flinke portie stikstof en een terras vol toeristen. De provincie Gelderland knikt instemmend; het verwijderen van een oud hek is immers een eerlijke ruil voor een jaarrond geopend horecacomplex. Dat is de wiskunde van de vooruitgang.

Stap drie: de juridische acrobatiek. Natuurorganisaties zeuren over “referentiedatums” uit het jaar 2000. Alsof de stikstofuitstoot van een seizoenscamping van 25 jaar geleden te vergelijken is met een modern, commercieel vakantiepark dat 365 dagen per jaar open is. Maar maak je geen zorgen; de overheid heeft de oplossing. Als we het maar hard genoeg “kwaliteitsimpuls” noemen, veranderen de wetten van de natuurkunde en de ecologie vanzelf mee.

Op 17 maart 2026 mag de gemeenteraad van Rheden de definitieve stempel zetten. Het wordt een historisch moment. We laten zien dat we de natuur zó liefhebben, dat we haar het liefst opsluiten in een luxe vakantiepark met een sauna (die er trouwens “per ongeluk” al staat*). Proost op de vooruitgang. De Veluwezoom wordt eindelijk wat het altijd al had moeten zijn: een prachtig decor voor een projectontwikkelaar. Want echte natuur is leuk, maar natuur waar je een rekening voor kunt sturen, is natuurlijk veel beter.

*PS1: Er is een sauna gebouwd, ergens bij hotel Beekhuizen. Let wel, dat is in de buurt van, maar niet op de plekken waar ik het hierboven over heb. Het behoort dus NIET tot de genoemde camping of tot restaurant Woodz. Wat wel het geval is: hotel Beekhuizen, restaurant Woodz, Buitenplaats Beekhuizen en de sauna staan op naam van één eigenaar. De bouw van de sauna is exemplarisch. Deze werd een specifiek pijnpunt en bron van conflict in de juridische discussie rondom het park Beekhuizen. Het ding is al geruime tijd fysiek aanwezig en in gebruik. Natuurorganisaties hebben handhavingsverzoeken ingediend omdat de sauna geplaatst zou zijn zonder de juiste (natuur)vergunningen. Typisch voorbeeld van hoe de projectontwikkelaars vooruitlopen op officiële besluitvorming door simpelweg feiten op de grond te creëren. Het gaat om een zogenaamde “wellness-unit” of buitensauna die specifiek bedoeld is voor de gasten van de luxe kampeeraccommodaties (de pods en safaritenten).

Het geschil over de sauna zou je symbolisch kunnen noemen voor het bredere conflict:

  1. Bestemmingsplan: Volgens critici past een permanente sauna-installatie niet binnen de huidige bestemming van het gebied, zeker niet in een kwetsbaar Natura 2000-gebied.
  2. Verstening en impact: De aanwezigheid van dergelijke faciliteiten trekt een ander publiek aan en zorgt voor een hogere belasting van de omgeving (energieverbruik, licht, geluid), wat volgens natuurorganisaties strijdig is met de instandhoudingsdoelstellingen van de Veluwezoom.
  3. Juridisch handhaven: Omdat de sauna er al staat terwijl de permanente vergunningen (die in maart 2026 worden besproken) nog niet definitief zijn, wordt dit door omwonenden gezien als een vorm van illegale bebouwing die door de gemeente gedoogd wordt.

De sauna is dus niet zomaar een extraatje voor gasten, maar een cruciaal onderdeel van de juridische strijd over wat er wel en niet is toegestaan op deze specifieke locatie.

*PS2: Aanvulling op mijn eerdere bericht betreffende Woodz en Buitenplaats Beekhuizen.

Er moet niet gedacht worden dat de situatie op bovengenoemde plekken op dit moment erg voorbeeldig is. Integendeel: de huidige bedrijfsvoering bij restaurant Woodz ligt al geruime tijd onder vuur vanwege het structureel overschrijden van de geldende vergunningen.

Uit berichtgeving van De Gelderlander (mei 2023) en formele hoorzittingen bij de gemeente Rheden blijkt het volgende:

  • Illegaal gebruik: Volgens de vigerende vergunning mag Woodz uitsluitend gasten ontvangen die verblijven op de naastgelegen glamping. In de praktijk fungeert het echter als een openbaar restaurant dat jaarlijks naar schatting 50.000 bezoekers trekt. De gemeente heeft officieel erkend dat deze huidige werkwijze niet is toegestaan.
  • Verkeers- en milieudruk: Omwonenden ervaren een forse toename in verkeersoverlast, wat niet alleen de veiligheid en rust in de wijk Beekhuizen aantast, maar ook zorgt voor een ongewenste toename van fijnstof aan de rand van dit kwetsbare natuurgebied.
  • Bestuurlijk gedogen: Hoewel de overtredingen vaststaan, treedt de gemeente Rheden momenteel niet handhavend op. Men wacht de uitkomst van een nieuwe vergunningaanvraag voor nieuwbouw af. Dit wekt de schijn van een gedoogconstructie, waarbij het bestemmingsplan ondergeschikt wordt gemaakt aan de uitbreidingsplannen van de ondernemer.

Deze feiten onderstrepen dat de zorgen over de toekomst van dit gebied niet hypothetisch zijn; ze komen voort uit een realiteit waarin de huidige regels al niet worden nageleefd en de druk op de natuur en de leefomgeving de grens reeds heeft bereikt.

De ‘Monkey Cage’ gaat op slot

De pijn van de geforceerde grap ging het genot van de verwondering overheersen.

Toegegeven: er zijn weinig mensen die complexe materie zo elegant en bezield kunnen uitleggen als Brian Cox. Of hij nu de wetten van de thermodynamica ontrafelt of de grootsheid van de kosmos duidt, hij heeft het zeldzame talent om het onbegrijpelijke tastbaar te maken. Dankzij zijn documentaires en andere uitzendingen ben ik talloze malen wijzer geworden over zaken die voorheen als abstracte mist in mijn hoofd hingen. Mijn waardering voor zijn vakmanschap is dan ook grenzeloos.

Presentatoren Brian Cox en Robin Ince: Een duo dat de wetenschap viert, maar in hun podcast vaak moet opboksen tegen de stroeve dynamiek van de geforceerde komische noot. Omdat de show wordt opgenomen voor een live publiek, komt een misplaatste of slecht getimede grap extra hard aan en wordt de ongemakkelijkheid voor de luisteraar direct en pijnlijk hoorbaar.

Met die instelling begon ik drie jaar geleden ook aan de populaire BBC-podcast The Infinite Monkey Cage. De basis is solide: Brian Cox als de wetenschappelijke rots in de branding, geflankeerd door mede-presentator Robin Ince die de boel met zijn enthousiaste chaos aan elkaar breit. Maar daar stopt het niet. Het format schrijft voor dat er naast twee wetenschappers ook steevast een derde gast aanschuift: een ingehuurde komiek.

Juist bij die extra gast wringt voor mij nu de schoen. Waar de wetenschappers praten vanuit hun professie en passie — zij mogen immers uitleggen waar ze dagelijks mee bezig zijn — bevindt de uitgenodigde komiek zich in een onmogelijke positie. Terwijl de experts een boeiend betoog houden, moet deze derde gast voor de komische noot zorgen.

Het resultaat? Een vorm van humor op commando die ik vaak als pijnlijk ervaar. Het lijkt me ontzettend moeilijk om zonder voorbereiding een gevatte grap te maken over complexe materie waar je wellicht weinig affiniteit mee hebt. Dat lukt dan ook vaak niet. Voor mij voelt deze gast regelmatig als een vijfde wiel aan de wagen; iemand die erbij zit omdat het format dat eist, niet omdat het de inhoud verrijkt.

Als luisteraar lijd ik onder die ongemakkelijkheid. Op de momenten dat een wetenschapper een diepgaand inzicht deelt, wordt de stroom vaak onderbroken door een geforceerde kwinkslag die de plank misslaat. Hoewel we ons in het land van de Britse humor bevinden, zijn de grappen op deze momenten vaak niet raak.

Ik merkte dat ik met kromme tenen zat te luisteren. In plaats van op te gaan in de fascinerende feiten, was ik onbewust aan het wachten op het volgende ongemakkelijke moment van de ‘grappenmaker van dienst’. Die stroefheid begon de wetenschappelijke inhoud te overschaduwen.

Plaatsvervangende schaamte is helaas geen goede luistermotivatie. Hoezeer ik de helderheid van Brian Cox ook bewonder, de geforceerdheid van de interactie werd me te veel. Ik ben uiteindelijk opgehouden met luisteren. De wetenschap blijft me fascineren, en ik zal de uitleg van Cox overal blijven volgen waar hij de ruimte krijgt om te schitteren; maar dan wel het liefst in een setting waar de feiten voor zich mogen spreken, zonder de verplichte en vaak misplaatste humor van een worstelende tussenpersoon.

Tirannie verpakt in vrijheid

Dat het land al heel lang ziek is, had iedereen kunnen weten.

Dat de VS een ‘liability’ zouden worden, hadden we niet voorzien in de tijd dat ze ‘alleen maar’ dictators in hun achtertuin in het zadel hielpen. Toen burgerrechten werden geschonden, noemden we dat binnenlandse aangelegenheden. Het waren waarschuwingen. Grote broer bleek een gewelddadige moralist.

Toen de VS vol trots hun democratie exporteerden naar bevriende naties, had het al veel weg van idealisme met een teveel aan spierballen. Maar wij zagen daarin nog niet de proefversie van iets dat later intern — binnen hun eigen nog wankele rechtsstaat — vervaarlijk zou worden uitgehold. En het kon ons kennelijk weinig schelen dat ze die democratische idealen niet in hun eigen achtertuin duldden.

In die nabijgelegen invloedssferen creëerden de VS bewust bestuurlijke ontwrichting en chaos. Ze faciliteerden dictators van twijfelachtige regimes en verkochten hen staatsgrepen als stabiliteitsupdates van een computersysteem. Wij beschouwden dat blijkbaar als normale buitenlandse politiek, want hoewel Nederland een kwart eeuw geleden nog veel linkse stemmers telde, ontstond er maar weinig effectief verzet.

Ook in hun eigen opbouwstaat werd de rassenscheiding nog lang met vlagvertoon verdedigd en werden burgerrechten met tegenzin toegekend. We noemden dat een pijnlijk verleden, en onderkenden daarin niet een blijvende bestuursstijl. Toch veranderde er in de VS niet snel iets ten goede, hoezeer de juiste weg ook met veelbelovende woorden door opeenvolgende presidenten werd uitgestippeld en beleden.

Wij beschouwden al dat wanbeleid aan de andere kant van de oceaan als ruis in de marge, in plaats van als tekens aan de wand. Dat de VS zelf ooit een geopolitieke bedreiging voor ons zouden worden, kwam gewoon niet voor in het draaiboek. Zo’n plotwending was te ondenkbaar; die stond niet op de verpakking van hun geopolitieke ondernemerschap, dat ons overigens veel prachtige overzeese producten opleverde.

Een deel van de pers in Amerika heeft kans gezien om gevrijwaard te blijven van corruptie. Zij stelt de misstanden geloofwaardig aan de kaak. Ik wilde iets visueels gebruiken in mijn blogbericht en vond gemakkelijk wat ik zocht. Er bestaan krantenpagina’s met foto’s en koppen over Amerikaanse betrokkenheid bij staatsgrepen en steun aan dictatoriale regimes. Protestfoto’s uit de jaren ’50 tonen demonstranten vóór het Witte Huis tegen Latijns‑Amerikaanse dictators waar de VS mee omgingen. Dat illustreert dat Amerikaanse betrokkenheid al vroeg controversieel was.

Een voorpagina van The New York Times van 20 augustus 1953, die een door Amerika gesteunde staatsgreep in Iran (tegen premier Mohammad Mossadegh) in beeld brengt, is berucht. De krant doet verslag van het omverwerpen van een gekozen leider en de perceptie daarvan. Dit is historisch relevant omdat het een van de duidelijkste voorbeelden is van een Amerikaanse rol bij het verwijderen van een niet-communistische, democratisch gekozen leider; een gebeurtenis die veel historici als symbool gebruiken voor latere invloeden in Latijns-Amerika en elders.

Documentatie van Amerikaanse steun aan regimes zoals in Brazilië (1964) of Congo (met Mobutu) bevat foto’s in kranten en archieven. De hierboven afgebeelde voorpagina toont de tekst “Senators see FBI report on Kissinger and wiretapes” naast beelden van de VS die een dictatuur in Chili steunen. De historische nieuwsgebeurtenissen rond Watergate, wiretapping, en de kwalijke rol van Kissinger zijn ook elders uitgebreid beschreven en in beeld gebracht; vaak op de voorpagina van grote kranten.

De fascinerende rol van de Washington Post in de oude, nog objectieve, hoedanigheid, hoef ik hier niet te memoreren. Toen de Pentagon Papers werden gepubliceerd, stond dat prominent op de voorpagina van The New York Times in 1971. Dat verhaal legde de focus op geheime, controversiële Amerikaanse buitenlandse politiek en de Vietnam‑oorlog. In de jaren 1970 waren er veel voorpagina‑koppen in Amerikaanse kranten over Watergate, de Nixon‑administratie en de publieke verontwaardiging over illegale afluisterpraktijken.

De vrije pers in de VS bestond en bestaat. De verontwaardiging was er altijd en is momenteel weer groeiende, nu er een absolute gek aan de macht blijkt. De pers roert zich, de democraten hervinden hun kracht en wij hier lijken inmiddels ook helemaal klaar met de geweldadige narcist die de wereld tart met zijn waanzin. We lazen de handleiding van de zieke staat wat laat. Maar nu zijn we wakker.

Nuance als rookgordijn

Hoe overmatige voorzichtigheid consensus kan vertroebelen.

Soms ontdek je iets van jezelf met terugwerkende kracht. Deze brief bijvoorbeeld. Lange tijd wist ik niet dat hij was afgedrukt. Ik had de krant van die dag gemist. Dat gebeurt weleens. Ik lees de Volkskrant in de digitale versie; veel artikelen verdwijnen ongemerkt uit zicht omdat ze door recenter nieuws worden weggedrukt.

https://www.volkskrant.nl/economie/ondanks-inzet-op-meer-plantaardig-eten-belandt-82-procent-van-europese-voedselsubsidies-bij-veehouderij~b1bc2baa/

Toen ik de brief later probeerde terug te vinden via het zoeksysteem van de krant, bleek dat geen eenvoudige opgave. Brieven worden daar wel degelijk opgeslagen, maar eerder als een verzameling “lezersreacties” dan als afzonderlijke bijdragen, dus niet gemakkelijk op naam op te sporen. Titels worden door de eindredactie bedacht. Wie zijn eigen woorden zoekt, moet dus enig geduld meebrengen.

Uiteindelijk bood een chatbot uitkomst door een alternatieve zoekroute aan te reiken. Tot mijn verrassing bracht die niet alleen deze brief boven water, maar ook andere ingezonden stukken die ik ooit ter beoordeling had opgestuurd, en die kennelijk eveneens zijn gepubliceerd zonder dat ik daarvan op de hoogte was gesteld. Een aangename ontdekking, moet ik toegeven, want opname in de krant was tenslotte het doel van het schrijven.

Toch blijft het een beetje merkwaardig. De brievenredactie vraagt nadrukkelijk om een telefoonnummer te vermelden, wat de indruk wekt dat er vooraf contact wordt opgenomen. Dat is in mijn geval blijkbaar niet nodig gebleken.

Hoe dan ook overheerst de tevredenheid. Het is prettig te merken dat inspanningen niet geheel in stilte verdwijnen. Misschien heb ik mijn fifteen minutes of fame inmiddels zelfs ruimschoots overschreden, zij het met enige vertraging.

Ze doet slechts afstand als voorzitter en leider

Vastgereden in de drek van mijn wensgedachten, begrijp ik nu dat ze de stem voor het platteland nog luider gaat vertolken.

Even dacht ik dat ze er mee op zou houden. “Rijd de tractor maar voor, ik betaal de transportkosten.” Maar ze doet slechts afstand als leider. Ze blijft actief als Kamerlid. Ze blijft boeren mobiliseren. Ze trekt alleen de kar niet meer. Dit is geen koerswijziging; dit is stationair draaikonten op het erf.

De paradox van de agro-industrie

Agro-industrie & boerocratie doen denken aan anarcho-primitivisme: landbouw als bron van een cliëntelistische staat die boeren helpt via subsidies en uitzonderingsregels. Resultaat: een sector die vasthoudt aan een vervuilend overlevingsmodel. En die critici bedreigt.

De begrippen agro-industrie en ‘boerocratie’ vertonen een sterke ideologische verwantschap met het anarcho-primitivisme. Deze stroming voert de wortels van hiërarchie en sociale dwang terug naar de neolithische revolutie: het moment waarop de mens overstapte van het jagen en verzamelen naar vaste landbouw. In deze visie was de ‘uitvinding’ van de boer de noodzakelijke voorwaarde voor de geboorte van de staat, die immers afhankelijk was van belastbare overschotten.

In de moderne tijd heeft de staat de agro-industrie verder vormgegeven via een complex stelsel van prijssteun, garanties en uitzonderingsbepalingen. Dit beleid was primair gericht op schaalvergroting en maximale productie, waarbij de ecologische grenzen vaak ondergeschikt werden gemaakt aan economische belangen. Hierdoor is een systeem ontstaan waarin boerenbedrijven structureel afhankelijk zijn geworden van subsidies en industriële input (zoals kunstmest en bestrijdingsmiddelen).

Deze ‘lock-in’ creëert een situatie waarin de agrarische sector vastzit in een kapitaalintensief model. De weerstand tegen strengere milieunormen komt dan ook voort uit een economisch overlevingsmechanisme: binnen het huidige agro-industriële kader is de overstap naar een natuurinclusieve bedrijfsvoering voor velen financieel onhaalbaar zonder de volledige afbouw van het huidige systeem.

PS: Ik spreek in het BlueSky-bericht van een cliëntelistische staat, omdat ik wil wijzen op de politieke “vriendjespolitiek” waarbij de staat de agrarische achterban tevreden houdt met gunstige regels in ruil voor steun. Misschien had ik nog beter kunnen kiezen voor het woord corporistisch. Een corporatistische staat kenmerkt zich namelijk door de nauwe verwevenheid tussen de overheid en grote belangengroepen (zoals de agro-industrie). Dit dekt precies de lading van de ‘boerocratie’: een systeem waarin beleid, subsidies en uitzonderingsregels worden afgestemd op de belangen van de gevestigde machtsblokken. En dan is er een nog ontoegankelijker woordencombinatie, namelijk ‘Interventionistische staat’. Dat is een neutrale, wetenschappelijke term voor een staat die de markt kunstmatig stuurt (via die subsidies en prijssteun).

De reis van ons posthumane leven

Ja, we gaan naar Mars, maar niet in een menselijke gedaante.

Mars is een zuurstofloze hel. De biologische mens in koolstofvorm heeft er niets te zoeken. Pas als we posthumaan zijn en kunnen reizen als een ‘Substrate-Independent Mind’, of een’Synthetic Humanoid’, of een digitaal bewustzijn, heeft interplanetair toerisme zin. Tot die tijd: toedelidoki roestbak.

Met de termen ‘Substrate-Independent Mind’ en ‘Synthetic Humanoid’ kon ik wel leven, maar voor ‘Mind Upload’ of ‘Digital Construct’ – dat mijn geblader door SF-lectuur en meer wetenschappelijke beschouwingen ook voorstelde – zocht ik een alternatief. Bij gebrek aan ruimte op BlueSky werd dat ‘digitaal bewustzijn’.

Ik ben erg bezig met de hoedanigheid waarin we wel naar Mars zouden kunnen gaan. Neutraal gezien lijkt de vorm van een gedigitaliseerd bewustzijn me het meest plausibel. Maar kun je een in een computer geüpload bewustzijn nog wel mens noemen? Ons digitale voortbestaan, helemaal ontdaan van de humane gedaante, zou een geest of ziel kunnen bezitten die volledig is gereconstrueerd.

Ik spreek trouwens niet graag van geest of ziel. Naast de meest gangbare term bewustzijn heb ik het liever over een entiteit met een persoonlijkheidskern of een mentale kern. Volkomen zelfbewust dus en met een cognitieve identiteit. Maar los van het lichaam voortgezet. Alleen voor zo’n mentaal bestaan met zelfbesef en denkvermogen zie ik verplaatsingsmogelijkheden buiten de dampkring. We moeten ‘m natuurlijk ook een waarnemend vermogen geven, anders heeft de reis geen zin.

Een innerlijk suggereert een uiterlijk. We willen de drager-onafhankelijke geest graag terug in een fles stoppen die lijkt op een mens. Dat kan een synthetische mensachtige zijn (de directe vertaling van Synthetic Humanoid die minder ‘popcultuur’ aanvoelt dan de Engelse term). Ik heb het dan over een tijd waarin we niet meer gebonden zijn aan een specifiek biologisch of hardware-matig platform. We kiezen gewoon het poppetje uit waarop we willen lijken en maken hem voor het gemak gelijk ook super vaardig (dus bovenmenselijk).

Alle bovenstaande concepten worden theoretisch breed besproken in de computationele neurowetenschap en transhumanistische filosofie en op alle mogelijke manieren gevizualiseerd in SF-verhalen. De praktische uitvoering ervan is op dit moment natuurlijk nog volledig speculatief. Er is nog geen bewijs dat het menselijk bewustzijn daadwerkelijk losgekoppeld kan worden van de biologische architectuur van de hersenen.

Maar dat is een kwestie van tijd.