Op zoek naar een leven dat nog niet bestaat.
Wacht; ik geloof dat ik niet meer van Heimrat 2 moet spreken, zoals op mijn dvd-box staat, maar van Die zweite Heimat. Aflevering 1 begint met Hermann, die Schabbach heeft verlaten om zijn eigen leven te beginnen. De serie verplaatst daarmee niet alleen de geografische locatie, maar ook het begrip Heimat: van een bestaand dorp naar iets wat een jong mens zelf probeert te vinden of te creëren. Dat geldt eigenlijk voor alle vrienden uit zijn groep aan het conservatorium. München verandert in een proeftuin voor de stromingen en stemmingen van de jaren zestig, terwijl de personages politiek actief worden, hun ambities zien slagen of mislukken en nieuwe ideeën ontwikkelen. Hermann zoekt niet simpelweg een nieuwe woonplaats. Hij zoekt een tweede thuis dat hij zelf kan kiezen. Net als de anderen. Dat lijkt mij de sleutel om de, in woorden uitgeschreven, titel te begrijpen.

Dit is geen vervolg op het verhaal van Maria Simon of van Schabbach, maar een portret van een generatie. Een tweede Heimat die ontstaat nadat de eerste is afgewezen of verlaten. In Heimat 1 wordt de twintigste-eeuwse Duitse geschiedenis bekeken vanuit een provincieplaatsje. In Die zweite Heimat worden de jaren zestig bekeken vanuit een groep jonge kunstenaars en intellectuelen in München. Reitz had er dertien films voor nodig, waarbij telkens een ander lid van de groep als verteller centraal staat. Daardoor verandert ook het perspectief op de gebeurtenissen. Een personage dat in de ene aflevering raadselachtig of zelfs belachelijk lijkt, kan in een andere ineens veel begrijpelijker worden. En weet je wat ik ook heel aangenaam vind? De regisseur geeft niet één personage het monopolie op de waarheid.
Hermann is het verbindende personage, maar de wereld draait niet uitsluitend om hem. De jonge mensen vormen geleidelijk een soort gemeenschap. Ze zijn afkomstig uit verschillende plaatsen en milieus en hebben uiteenlopende artistieke ambities. Toch ontstaat rondom het conservatorium, de gezamenlijke woning en later de Fuchsbau (het vossehol of de vossenburcht?) een netwerk van vriendschappen, liefdes, rivaliteiten en artistieke samenwerking. Reitz romantiseert die generatie niet simpelweg. De vrijheid, seksuele experimenten, politieke bewustwording en artistieke vernieuwing krijgen volop ruimte, maar tegelijkertijd worden ook zelfzucht, hypocrisie, mislukking en desintegratie zichtbaar.
En de geschiedenis? De grote gebeurtenissen van de jaren zestig – onder meer de bouw van de Berlijnse Muur, de moord op Kennedy, de opkomst van Willy Brandt en het latere geweld van de RAF – verschijnen wel degelijk, maar via het leven van de personages. De maatschappelijke en politieke omwentelingen vormen de achtergrond waartegen hun persoonlijke ontwikkelingen zich voltrekken. Daarmee maakt Reitz opnieuw geen historische kroniek in de traditionele zin. De geschiedenis komt binnen via mensen die er middenin zitten.
Een ander belangrijk element dat in de serie sterk naar voren komt, is de muziek. Die zweite Heimat laat muziek niet alleen functioneren als soundtrack. De muziek wordt onderdeel van het handelen van de personages: repetities, concerten, improvisaties en spontane muzikale uitbarstingen lopen soms door van de ene scène in de volgende. Dat ligt natuurlijk voor de hand bij een hoofdpersoon die componist wil worden, maar het heeft een bredere betekenis: muziek wordt een manier waarop deze generatie zichzelf probeert uit te drukken en zich van de wereld van hun ouders onderscheidt.
Persoonlijk houd ik niet van films waarin er niets te zwijmelen valt. Gelukkig wordt tussen de wat ernstiger bedrijven door, ook in liefdesperikelen voorzien. Hermann komt terecht in een wereld waarin mensen hun eigen tweede Heimat proberen te maken en daar hoort, niet in de laatste plaats, de ontluikende ervaring op het gebied van seks en genegenheid bij. In die constructie van een tweede thuis schuilt overigens ook ironie. Hermann heeft Schabbach verlaten omdat hij daar niet kon worden wie hij wilde zijn. In München komt hij terecht tussen mensen die óók proberen zichzelf opnieuw uit te vinden. Zijn nieuwe Heimat blijkt dus geen kant-en-klare vervanging van de oude. Het wordt een voortdurend veranderende gemeenschap waarin iedereen zijn eigen leven probeert vorm te geven.
Hermann, door Klärchen uit Schabbach losgemaakt, leidt ons daarmee bijna vanzelf naar het grotere idee achter Die zweite Heimat. We zien hem op zoek gaan naar wat Klärchen hem voor het eerst liet vermoeden: een andere manier van leven. En misschien is juist dát de reden waarom zo’n zoektocht ook voor ons als kijkers herkenbaar blijft. Niet omdat iedereen dezelfde keuzes maakt als Hermann, maar omdat het verlangen naar een ander leven, naar een andere omgeving of eenvoudigweg naar iemand bij wie je jezelf anders voelt, nauwelijks aan één tijd of plaats gebonden is.
Zoals gezegd: mijn grote drijfveer om films – en dus ook lang uitgesponnen kronieken – te willen zien, is de liefde, in welke vorm dan ook. Ik zou waarschijnlijk weinig geduld hebben voor een kroniek van dertien films als liefde daarin niet steeds opnieuw de grote verbindende factor vormde. Met het vinden van het ideaal op dat gebied alleen al, ben je vaak een leven lang zoet. Met zoeken dus. Jezelf bekend, belachelijk en uit de voeten maken. En toch maar weer opnieuw beginnen.
