De post herpakt: van puin tot wederopbouw

Een vers voor als Arnhem was bevrijd.

Onno van Dorreland sr., de grootvader van de gelijknamige schrijver (waarvan Cum Suis enkele titels mocht publiceren), was een jonge postbode in Arnhem toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak. Die zwarte periode zou gedurende geruime tijd de officiële uitoefening van zijn beroep aan banden leggen. De man zat echter niet stil. Hoewel de omstandigheden zwaar waren, verkeerde hij in de kracht van zijn leven.

Blauwe pakken? Dat gaat eigenlijk niet op voor de PTT-medewerkers. De pakken waren in de winter zwart en van wol, in de zomer groen en van katoen, en hadden een dubbele knopenrij. De pet bezat een rode bies.

Wat men later over hem zou ontdekken — hoewel nooit met zekerheid — was dat hij in stilte bleef rondgaan, zelfs toen de officiële postbedeling vanaf half augustus 1944 vrijwel tot stilstand kwam. Niet in uniform, niet met zijn vertrouwde leren tas, maar met de vastberaden tred van iemand die zijn weg kende, en zijn eigen route liep. Hij bezorgde geen brieven meer van gemeentewege, maar zogenaamde ‘witte post’. Deze post werd ‘wit’ genoemd omdat het geen officiële zegels of stempels droeg. Het ging puur om menselijkheid en de behoefte aan contact en hulp in de meest wanhopige tijden. Van Dorreland was geen saboteur, geen spion, geen held. Wat hij precies deed, bleef onduidelijk, zoals dat hoort bij hen die niet worden herdacht.

Wat wel met zekerheid overbleef, waren zijn gedichten. Zijn kleinzoon trof die later aan, achter een loszittende plank op zolder. Eén daarvan droeg de datum 10 april 1945, dus dat gedicht scheen slechts enkele dagen voor de bevrijding van Arnhem te zijn voltooid. In half uitgeveegd potlood, op een afgescheurde reep behang, noteerde hij bovenstaand vers.

In vredestijd was Onno van Dorreland sr. een vertrouwd gezicht geweest in de wijk Klarendal en het verder zuidoostelijk gelegen Spijkerkwartier. Elke ochtend deed hij zijn ronde langs de molen, de statige- en de arbeiderswoningen, de winkels en de café’s. De kinderen groetten hem, oude dametjes gaven hem thee met een koekje, en soms las hij een brief voor aan iemand wiens ogen niet meer zo goed wilden.

PTT-medewerkers onderschepten systematisch verraadbrieven. Ze openden voorzichtig brieven die bestemd waren voor Duitse instanties. Als ze daarin informatie vonden die landgenoten in gevaar bracht (bijvoorbeeld door Joden of onderduikers te verraden), waarschuwden ze de potentiële slachtoffers persoonlijk of schriftelijk met een kort bericht als ‘Wees voorzichtig’. Deze acties hebben ongetwijfeld levens gered en tonen een staaltje van burgerlijk verzet binnen een cruciaal staatsbedrijf.

De oude drogisterij De Bode op nr. 24 werd helaas opgedoekt op last van de bezetter.

In de nacht van 10 april 1945, terwijl het kanongebulder steeds dichterbij kwam en de lucht trilde van naderend geweld, zag hij in de verte de contouren van Elst, gehuld in rook en vlammen. Arnhem was sinds de mislukte Slag om Arnhem in september 1944 – een gewaagde maar tragisch verlopen geallieerde operatie – in Duitse handen gebleven. Men had de vernielde stad grotendeels ontruimd en leefde al maanden in afwachting van een nieuwe bevrijdingspoging. Nu trokken Canadese troepen eindelijk op vanuit het zuiden, en Elst – zwaar getroffen en in brand – lag op hun route naar Arnhem. In die gespannen nacht, met de bevrijding in aantocht maar nog vol onzekerheid, schreef hij een gedicht dat opmerkelijk licht van toon was. Jaren later zou zijn kleinzoon het beschouwen als een van de mooiste die hij ooit van de hand van zijn opa had gelezen. De man overleefde de oorlog en ook de vrede, hoewel hij daarvan slechts zes jaar heeft kunnen genieten. Onno van Dorreland sr. leerde nog wel de liefde van zijn leven kennen, en kreeg ook een zoon en een dochter. Hij stierf helaas vroegtijdig en onverwacht.

De postbezorging ging in Arnhem – en in grote delen van Nederland – door tijdens de Tweede Wereldoorlog, zij het met aanzienlijke verstoringen en beperkingen.

Voor de Slag om Arnhem (tot september 1944):

  • Beperkt maar functionerend: Over het algemeen bleef de PTT functioneren onder Duitse bezetting. Dit betekende dat brieven en pakketten nog steeds werden bezorgd, hoewel er natuurlijk censuur was en de bezetter de infrastructuur kon gebruiken voor hun eigen doeleinden.
  • Joodse postbodes: Zoals eerder vermeld, was er bijvoorbeeld een Joodse postbode, Elias Schaap, actief in Arnhem. Hij is een voorbeeld van de vele PTT-medewerkers die probeerden hun werk te blijven doen onder moeilijke omstandigheden.
  • Verzetswerk: Zoals het feitje over verraadbrieven al aangaf, gebruikten sommige PTT-medewerkers hun positie om verzetswerk te doen. Dit toont aan dat er ondanks de bezetting nog steeds een basisstructuur was.

Tijdens en na de Slag om Arnhem (september 1944 en daarna):

  • Catastrofale onderbreking: De Slag om Arnhem (Operatie Market Garden) in september 1944 had een verwoestende impact op de stad en daarmee ook op de postbezorging. Arnhem werd zwaar beschadigd, en een groot deel van de bevolking werd geëvacueerd.
  • Stakingen en logistieke problemen: Na Operatie Market Garden gingen Nederlandse spoorwegpersoneel in staking voor de rest van de oorlog. Dit had ernstige gevolgen voor de postdienst, omdat treinen en postwagens niet meer beschikbaar waren voor regulier transport.
  • Beperkte en vertraagde post: De postdienst raakte hierdoor ernstig verstoord. Post kon extreem lang onderweg zijn, en veel zendingen kwamen nooit aan. Er zijn voorbeelden van brieven die pas maanden of zelfs na de oorlog werden bezorgd, soms zelfs nadat de ontvanger al was omgekomen.
  • Rode Kruis en andere organisaties: In de periode na de Slag om Arnhem en tijdens de Hongerwinter speelden het Rode Kruis en andere hulporganisaties een cruciale rol bij het verzenden van berichten en pakketten naar en van getroffen gebieden, vaak via speciale routes en met goedkeuring van de bezetter.

De postbezorging ging in zekere zin door, maar in Arnhem werd dit na september 1944 zo goed als onmogelijk en onregelmatig door de enorme vernietiging en evacuatie.

In de bezettingsjaren werd de Menno van Coehoornkazerne kazerne door de Duitsers gebruikt. Op de eerste dag van (17 september 1944) van de geallieerde operatie Market Garden, bombardeerde een groep Britse jachtbommenwerpers de drie Arnhemse kazernes; de Engelsen wilden zo veel mogelijk Duitsers uitschakelen als voorbereiding op de operatie. De Willemskazerne brandde geheel uit. De Saksen-Weimarkazerne en de Menno van Coehoornkazerne ontsnapten aan dit lot. Wel troffen enkele bommen bedoeld voor de Van Coehoornkazerne nabijgelegen woonhuizen. In de Sintjanskerkstraat kwamen Engelse bommen neer die eigenlijk bedoeld waren voor de toenmalige kazerne aan Klarendalseweg een paar honderd meter verderop. De misrekening van de Engelse vliegers veroorzaakte een flinke schade. Ook vielen er diverse dodelijke slachtoffers.

Opmaakfoutjes

Onafhankelijkheid, machtsuitoefening en meeloopgedrag.

Soms wil je een eerder geplaatst blogbericht herschrijven en opnieuw delen, omdat uit de reacties blijkt dat je bedoelingen niet duidelijk genoeg zijn overgekomen. In dit geval gaat het mij om een fundamenteel onderscheid tussen drie vormen van onwaarachtigheid. Niet elke vorm van misleiding is namelijk even verwerpelijk. Er bestaat een verschil tussen een leugentje om bestwil in dienst van de kunst, tussen verdraaiing als instrument van de macht, en tussen het schaamteloos meebuigen uit carrière-overwegingen. Anders gezegd: ik wil de spanning onderzoeken tussen onafhankelijke fictie, manipulerend beleid en volgzaam spreekbuisgedrag. Drie houdingen, drie motivaties: creatieve vrijheid, machtshandhaving en meeloperij.

In het vervolg laat ik drie voorbeelden zien, elk met een eigen soort ‘onwaarheid’. En ik nodig de lezer uit om zich af te vragen: welke van deze drie verdient eigenlijk de meeste afkeuring? Ter illustratie geef ik drie voorbeelden – drie ‘exhibits’ – elk belichamend een ander type onwaarachtigheid: artistieke fictie, politieke vervalsing en ideologische meeloopretoriek. De verschillen zijn soms subtiel, de uitwerking niet. Wat begint als spel of stijlkeuze, kan eindigen als massale misleiding. De vraag die daarbij steeds terugkomt, is: wanneer wordt onwaarachtigheid werkelijk kwalijk?

Exhibit Nr. 1: Een boekcover. Van een boek dat ik zogenaamd schreef. In werkelijkheid is het een mockup, laten we zeggen een oefening in zelfpromotie, over een window dresser met literaire aspiraties. Dan hebben we het over tweedegraads onechtheid. De inhoud bestaat niet. De buitenkant wel. Vorm zonder inhoud: een klassieker.

Exhibit Nr. 2: Het MAHA-rapport, dat onlangs werd gepresenteerd door minister van Volksgezondheid Robert F. Kennedy Jr. en zijn commissie. Make America Healthy Again heet het. Een pleidooi voor de gezondheid van kinderen, gebaseerd op studies die, oeps, niet bestaan of verkeerd geciteerd blijken te zijn. Gelukkig kun je zulke onwaarheden eenvoudig corrigeren door het rapport gewoon een beetje aan te passen. Beetje kneden, beetje bijsturen en de regering Trump sukkelt in al z’n leugenachtigheid voort tot het zoveelste schandaal.

Exhibit Nr. 3: Karoline Leavitt, Trump-woordvoerster, die het hele MAHA-debacle afdeed als ‘opmaakfoutjes’. Alsof het ontbreken van bewijs slechts een kwestie is van verkeerd geplaatste voetnoten.

Dus ik vraag u: wat is de érgste vorm van onechtheid? De fictieve façade van een verzonnen boek? De inhoudelijke vervalsing van een beleidsrapport? Of de bagatelliserende retoriek die alles reduceert tot een “formatting issue”? De lezer mag het zeggen. Maar lees eerst nog even mijn toelichting op alle drie de gevallen.

Laat ik, voordat men mij de maat neemt, direct schuld bekennen en Exhibit Nr. 1 persoonlijk verduidelijken (en verdedigen). Ja, ik heb een boekcover gefabriceerd van een boek dat niet bestaat. En nee, ik zie daar ethisch geen enkel bezwaar in. Integendeel: het is artistieke vrijheid, zelfexpressie, misschien zelfs een mild gebaar richting de denkbeeldige lezer die dit werk ooit had kunnen lezen. Geen misleiding, maar een spel. Geen oplichterij, maar een knipoog. Wat ik mezelf wél aanreken, is de opmaakfout. De titel valt weg tegen de achtergrond. Onleesbaar. Dát is pas schandalig. Dáár had een commissie zich over moeten buigen. Als we dingen verzinnen, laat het er dan op z’n minst goed uitzien.

Dan Exhibit Nr. 2: het MAHA-rapport. Een document dat pretendeert de gezondheid van Amerikaanse kinderen te beschermen, maar zich baseert op studies die niet bestaan, foutief geciteerd zijn of simpelweg uit de lucht komen vallen als engelen die te veel ivermectine hebben geslikt. Het werd plechtig gepresenteerd door minister Robert F. Kennedy Jr., die kennelijk zijn roeping als kwakzalver in marmeren zalen heeft gevonden. En ja, ik weet het, Kennedy is geen Trump, maar de geur is dezelfde: die van gladgestreken pseudowetenschap, netjes verpakt in patriotisme, met een strikje van “wij maken ons zorgen.” Het is niet eens subtiel meer. De waarheid wordt hier niet per ongeluk overgeslagen, ze is met opzet van het schoolplein gestuurd.

Onschuldige opmaaklol

Dit is geen op zichzelf staand incident. We hebben het over een politieke cultuur waarin orkanen met viltstift worden bijgetekend (Sharpiegate), waarin een pandemie “onder controle” was terwijl mensen stierven bij tienduizenden, waarin de verkiezingsuitslagen als fraude werden bestempeld omdat men simpelweg verloor (de lijst van voorvallen is veel langer*). En nu dus dit: een rapport over kinderen dat kinderen gebruikt om onwaarheden te verspreiden. Het zou tragisch zijn als het niet zo misselijkmakend was. Want ergens houdt het een keer op; al was het maar omdat de waarheid uiteindelijk altijd bovendrijft.

Exhibit Nr. 3 brengt ons bij Karoline Leavitt, Trumpwoordvoerster oftewel: wandelend spreekbuismeubelstuk van het post-truth tijdperk. In haar reactie op de ophef rond het MAHA-rapport sprak ze over “formatting issues,” alsof de afwezigheid van wetenschappelijke onderbouwing te herleiden was tot een slordig geplakte paginanummering of een vergeten regelafstand. Leavitt heeft zich ontwikkeld tot wat men in journalistieke kringen een ‘geselecteerde echo’ noemt. Er zijn stemmen die haar omschrijven als ‘a well-groomed amplifier of autocratic nonsense,’ of als ‘de spindoctor die vergeten is dat je soms ook een patiënt moet genezen, niet alleen symptomen verhullen.’

Waarom kiest iemand zo radicaal voor de rol van reclamelakei of blindvolger in een regime dat z’n eigen leugens niet eens meer fatsoenlijk hoeft te verpakken? Heeft het te maken met macht, met carrière, met ideologische driften die nog niet door de realiteit zijn ingehaald? Of is het gewoon makkelijker om op een zinkend schip de purser te blijven, zolang het buffet openblijft? Hoe dan ook: als “formatting issues” de samenvatting wordt van vier jaar presidentschap, dan weet je dat de inhoud al lang van de pagina’s is gewist.

Gelukkig is er de kunst. Kleinkunst in dit geval, want wie werkelijk wil begrijpen wie Leavitt is, hoeft alleen maar te kijken naar comédienne Lisandra Vazquez, die haar met zoveel verve, spot en precisie persifleert dat je soms vergeet dat je niet naar Leavitt zelf kijkt. En daarmee zijn we weer terug bij exhibit Nr. 1: de kunstmatige representatie, de uitvergroting, de fictionele façade. Want anders dan bij Leavitt is het bij Vazquez tenminste opzettelijk ironisch. Je kunt in al je onechtheid dus gewoon ook eerlijk zijn.

Karoline Leavitt versus Lisandra Vazquez


Misschien draait het uiteindelijk niet om de leugen zelf, maar om de context waarin ze wordt verteld. In de kunst knipoogt ze naar de waarheid, in de politiek maskeert ze haar, en in de propaganda vermomt ze zich als deugdzame bezorgdheid. En wie daarin meegaat, doet dat soms uit overtuiging, soms uit opportunisme. Maar zeg nu zelf: welke van de drie roept de meeste weerzin op? Niet elke vorm van onwaarachtigheid is even schadelijk, maar allemaal zeggen ze iets over de verhoudingen waarin ze ontstaan. De kunstenaar kiest voor illusie om vrijheid te winnen. De machthebber kiest voor vervalsing om die vrijheid in te perken. En de meeloper kiest voor gemak, carrière, of simpelweg overleving (‘Wiens brood men eet, diens woord men spreekt’). De vraag is niet alleen welke vorm het ergst is, maar ook: welke laten we ongemoeid? Kunst mag misleiden, zolang ze er eerlijk over is. Macht verdraait, omdat ze zich onkwetsbaar waant. En wie dat met droge ogen verdedigt als ‘opmaakfoutjes’, maakt van ironie een rookgordijn. Misschien is dat wel de grootste onwaarachtigheid: doen alsof je niets te verbergen hebt, terwijl je niets te vertellen hebt.

*Een beknopte lijst van waarheidsovertredingen en realiteitsvervorming onder de Trump Administration:

De aanval op de Capitol (6 januari 2021)
– Een poging tot staatsgreep gevoed door fabels. De bestorming van de waarheid in real time.

Sharpiegate (2019)
– Toen Trump een orkaanvoorspelling eigenhandig “corrigeerde” met een viltstift om zijn eerdere uitspraak te staven. Klimaatwetenschap, maar dan als kleurplaat.

“We have it totally under control” (januari 2020)
– Over COVID-19, vlak voordat tienduizenden Amerikanen stierven en ziekenhuizen overspoeld werden. Vrede op aarde, met ventilatoren.

Bleachgate (april 2020)
– Trump suggereerde dat ontsmettingsmiddel misschien ingespoten kon worden bij mensen om het virus te doden. De wetenschap haalde diep adem (en nam afstand).

De herhaaldelijke bewering dat de verkiezingen van 2020 “gestolen” zijn
– Omdat verliezen simpelweg geen optie was. Rechters, hertellingen, en zelfs Trumps eigen kiescommissie vonden géén bewijs, maar het narratief bleef.

Charlottesville (“very fine people on both sides”, 2017)
– Over een neonazi-optocht waarbij een vrouw werd doodgereden. Een “gebalanceerde” kijk op haat, zogezegd.

De familiegesponsorde regeringsaanpak
– Jared Kushner kreeg het Midden-Oosten, Ivanka “empowerde” vrouwen, en Eric en Don Jr. mochten de tweets op smaak brengen. Diplomatie als familiebedrijf.

De immigratieban (“Muslim ban”, 2017)
– Een presidentieel decreet dat niet alleen moreel omstreden was, maar ook juridisch werd teruggefloten — meerdere keren.

Kinderen in kooien (2018)
– Migrantenkinderen gescheiden van hun ouders aan de grens. Later gepresenteerd als “een humanitaire maatregel.”

Altering hurricane maps vs. altering medical reports
– Van Sharpiegate tot MAHA-rapport: het patroon blijft gelijk. Eerst de waarheid, dan het potlood.

Alternative facts (2017)
– Kellyanne Conway verdedigde leugens over de inauguratie-opkomst met deze Orwelliaanse term. Waarheid? Keuzeoptie.

De beautytreatment van dictators
– Kim Jong-un was “a smart cookie”, Poetin “a strong leader”, en Mohammed bin Salman “maybe did it, maybe didn’t” (over de moord op Khashoggi). Realpolitik als fanclub.

Het weer opzeggen van het Klimaatakkoord van Parijs (2017)
– “Ik ben president van Pittsburgh, niet van Parijs.” Vervuilen met vlagvertoon.

De verheerlijking van hydroxychloroquine (2020)
– Naar eigen zeggen nam hij het zelf ook. Het hielp tegen malaria, niet tegen feiten.

Het uit de WHO stappen midden in een pandemie (2020)
– De logica: als je je oren dichtdoet, bestaat het virus niet.

Het Clinton-obsessie-circus
– “Lock her up” als standaard refrein, nog jaren na de verkiezingen. Alsof hij ’s nachts wakker werd van e-mails.

De Bible photo-op (2020)
– Protesten tegen politiegeweld werden hardhandig uiteengedreven, zodat Trump met een Bijbel (op z’n kop) op de foto kon voor een kerk. Religie als rekwisiet.

Het ontslag van inspecteurs-generaal en ambtenaren
– Onafhankelijke toezichthouders werden massaal aan de kant gezet. Controlemechanismen? Te negatief.

De mislukte coronatest-infrastructuur
– “Iedereen die een test wil, kan er een krijgen.” Spoiler: dat was niet zo. Tenzij je NBA speelde.

De ‘perfecte’ telefoontjes
– Naar Oekraïne (2020), waarin hij Zelensky onder druk zette om compromitterende info over Biden te vinden. Dat leidde tot de eerste impeachment. “Perfect” volgens Trump zelf. Zwart-wit, volgens iedereen met een geweten.

Het laten verdwijnen van het vertaalteam voor pandemieën (2018)
– In 2018 werd het pandemieteam bij de National Security Council ontbonden. Want wat kon er gebeuren?

Covfefe (2017)
– De legendarische onafgemaakte tweet. De eerste officiële presidentiële typo die tot filosofisch debat leidde.

De injectie van politiek in onafhankelijke instellingen
– FBI, CDC, FDA: alles werd politiek gereviseerd. Het ministerie van Volksgezondheid als verkiezingsinstrument.

De geheime belastingaangiftes
– Hij zou ze “binnenkort” vrijgeven. Spoiler: dat gebeurde pas via gerechtelijke dwang, en ze lieten zien dat hij nauwelijks belasting betaalde. Great businessman.

Trump University
– Technisch van vóór zijn presidentschap, maar in toon volledig op één lijn: een “universiteit” die vooral leergeld vroeg. Letterlijk.

Het voortdurend herhalen van leugens tot ze waar lijken
– Volgens The Washington Post meer dan 30.000 feitelijke onjuistheden in vier jaar tijd. Een gemiddelde van 21 per dag. Productiviteit in post-truth.

Het benoemen van rechters die het systeem langdurig conservatief verankeren
– Waaronder drie Hooggerechtshofrechters, mede verantwoordelijk voor de afschaffing van Roe v. Wade. Geen leugen, maar wel een blijvend gevolg van een man die zwoer bij chaos.

De wall die nooit kwam (of werd betaald door Mexico)
– De Grote Muur bleef steken in een paar honderd mijl hekwerk. Betaald door de Amerikaanse belastingbetaler.

De demonisering van de pers (“Enemy of the people”)
– Kritische media werden consequent beschuldigd van leugens, terwijl propaganda als “truth” verkocht werd. Orwell zou instemmend grinniken — of huilen.

De poging om poststemmen te saboteren
– Door de Postmaster General bewust postverwerking af te remmen. Post-truth werd letterlijk snail mail.

De Lafayette Square ‘rechtzetting’
– Het officiële verhaal was dat de ordetroepen demonstranten “toevallig” uit het park verwijderden vlak vóór Trumps fotomoment met de Bijbel. De werkelijkheid: het park werd leeggeknuppeld voor een PR-foto. Een scenariowijziging in real-time.

De orkaan die afboog dankzij een Sharpie (Sharpiegate)
– Omdat Trump ten onrechte zei dat orkaan Dorian ook Alabama zou treffen, werd er later een kaart getoond waarop het orkaanpad… met een stift was aangepast. Meteorologie à la Trump.

“Stand back and stand by”
– Tijdens een presidentieel debat vroeg men hem zich te distantiëren van racistische groeperingen. Zijn antwoord aan de Proud Boys: een bijna militaire opdracht. Dog whistle? Nee hoor, dit was een megafoon.

De Trump Tower bijeenkomst met Russische advocaten (2016)
– “Adoptiebeleid”, volgens het officiële verhaal. In werkelijkheid ging het over het verkrijgen van dirt over Hillary Clinton. Verloedering in ruil voor verkiezingswinst.

De poging om Groenland te kopen (2019)
– Echt gebeurd. Trump wilde Groenland kopen van Denemarken. Toen Denemarken het belachelijk vond, annuleerde hij het staatsbezoek. Imperialisme met kinderwens.

De suggestie om Californië ‘terug te geven’ aan Mexico
– Een van de off-the-record hersenspinsels van de president. Als je dan toch alles opnieuw wil onderhandelen…

Het injecteren van bleekmiddel (2020)
– Tijdens een persconferentie vroeg Trump zich hardop af of desinfectiemiddel niet “geïnjecteerd” kon worden in mensen om COVID-19 te bestrijden. De medische wereld sloeg collectief de handen voor de ogen.

De hernoeming van COVID-19 tot ‘Kung Flu’
– Een racistische grap in speeches, bedoeld om China de schuld te geven — maar ook om af te leiden van beleidstekort. Viruspolitiek met een vleugje nativisme.

De aanstelling van familieleden in sleutelposities
– Jared Kushner en Ivanka Trump kregen officiële functies in het Witte Huis. Geen ervaring nodig, zolang je bij de familie hoort. In het Trump Hotel, zeg maar.

De heroïsche mislukking van de Tulsa-rally (2020)
– Trump dacht een stadion vol aanhangers aan te treffen. Bleek dat TikTok-gebruikers massaal nepkaartjes hadden gereserveerd. Jongeren: 1, Oranjereus: 0.

De beschuldiging dat windmolens kanker veroorzaken (2019)
– Ja, echt. “The noise causes cancer,” zei hij. Wetenschappelijk gezien volstrekt onzinnig, maar wel goed voor de olie-industrie.

Het vernietigen van documenten (2022 onthuld)
– Na zijn termijn bleek dat Trump documenten doorscheurde, liet verdwijnen en zelfs in het toilet spoelde. Archiefbeheer zoals een kleuter zijn tekeningen selecteert.

Het Mar-a-Lago-documentenschandaal (2022–)
– Geheime documenten in een privéclub bewaard, in dozen tussen golfclubs en schoonmaakspullen. Bij een ander zou dit spionage heten. Bij Trump: “mijn persoonlijke souvenirs.”

De omarming van QAnon
– Hij retweette tientallen QAnon-gerelateerde accounts en weigerde afstand te nemen. Een president die samenzweringswaan omarmt alsof het beleid is.

De eindeloze recounts en audits in Arizona
– Duizenden dollars uitgegeven aan het controleren van al lang vastgestelde verkiezingsuitslagen. De enige die fraude pleegde, was ironisch genoeg… een Trump-stemmer.

Het “Go back to your country” tegen vier congresvrouwen (2019)
– Een expliciete racistische uitval naar vrouwen van kleur die — o ja — allemaal Amerikaans staatsburger zijn. Drie van hen zelfs geboren in de VS.

Het uitlachen van een gehandicapte journalist (2015)
– Een van de eerste momenten dat de wereld dacht: dit wordt hem nooit. Maar het werd hem. Moraal: onderschat nooit het gebrek aan moreel besef.

Het in twijfel trekken van de geboortestatus van Kamala Harris (2020)
– Na Obama was zij het volgende doelwit van birther-achtige theorieën. Ironisch genoeg geboren in Oakland, Californië. Duidelijker Amerikaans dan Trump zelf.

De claim dat hij de ‘meest milieuvriendelijke president ooit’ was
– Terwijl hij tegelijkertijd natuurgebieden opende voor olieboringen. Het enige groen aan zijn presidentschap was het geld.

De permanente campagne-modus
– Zelfs na zijn verlies ging Trump door met rallies, fondsenwerving en retoriek alsof hij nog regeerde. Een exit die voelt als een seizoensfinale met te veel cliffhangers.

Vergankelijkheid als monument

Een kunstwerk dat de kracht van verval viert.

In de uitgestrekte natuurgebieden van de Republiek Aseria is onlangs een bijzonder kunstwerk voltooid: een sculptuur van Amerikaans president Donald Trump, uitgehouwen in een imposante wand van zandsteen. Het project, gerealiseerd onder toezicht van het Ministry of Tourism and Culture, markeert een vernieuwende benadering van monumentale kunst, waarin tijd, verval en reflectie centraal staan.

De ondertitel van het project, “Let’s not immortalize a madman,” is een citaat van de gerespecteerde Aserische staatsman Eldrin Vass, voormalig Minister van Staatsveiligheid en Cultuur. Tijdens de voorbereidende debatten wees Vass op de gevaren van het vereren van controversiële leidersfiguren door ze letterlijk in steen te vereeuwigen. Zijn woorden vonden brede weerklank, en leidden tot een symbolische beslissing: niet het idee van onverwoestbare grootsheid zou centraal staan, maar juist de erkenning van menselijke feilbaarheid en de vergankelijkheid van macht.

Om deze boodschap te ondersteunen, heeft uitgeverij Cum Suis een informatieve en esthetisch prikkelende folder samengesteld, in opdracht van het Ministry of Tourism and Culture. De folder begeleidt bezoekers door de thematiek van het kunstwerk en nodigt hen uit om getuige te zijn van het natuurlijke proces van erosie; een proces dat langzaam, maar onvermijdelijk, de scherpe trekken en opgeblazen zelfbeelden zal uitwissen.

Toeristen worden van harte uitgenodigd om het werk te bezoeken en jaar na jaar de subtiele veranderingen te volgen. Zo wordt Rushmore Don’t Rush niet slechts een statisch monument, maar een levende les in nederigheid, geschiedenis en de verstrijking van tijd.

Transience as a monument

An artwork celebrating the power of decay.

In the vast natural landscapes of the Republic of Aseria, a remarkable artwork was recently completed: a sculpture of American President Donald Trump, carved into an imposing sandstone cliff. The project, realized under the supervision of the Ministry of Tourism and Culture, represents an innovative approach to monumental art—one in which time, decay, and reflection take center stage.

The title of the project, Rushmore Don’t Rush, playfully references Mount Rushmore, where four American presidents have been immortalized in granite. Aseria, by contrast, deliberately chose sandstone—a rock that, under the influence of wind and weather, will erode rapidly. The message is clear: no rush to remain, but the wisdom to disappear.

The project’s subtitle, “Let’s not immortalize a madman,” is a quote from the respected Aserian statesman Eldrin Vass, former Minister of State Security and Culture. During the preparatory debates, Vass warned of the dangers of venerating controversial leaders by literally carving them into stone. His words resonated widely and led to a symbolic decision: the focus would not be on indestructible greatness, but on the recognition of human fallibility and the transience of power.

To support this message, the publisher Cum Suis—commissioned by the Ministry of Tourism and Culture—has produced an informative and aesthetically engaging brochure. The brochure guides visitors through the themes of the artwork and invites them to witness the natural process of erosion: a slow but inevitable force that will gradually erase the sharp features and inflated self-image.

Tourists are warmly invited to visit the work and observe its subtle transformations year after year. In this way, Rushmore Don’t Rush becomes more than a static monument; it becomes a living lesson in humility, history, and the passage of time.

Inleiding op het gedicht ‘schijtnesten’ (memento park).

Uit: Schrammenbloed

Ik ben er voor hoor: het van top tot teen bekladden van ‘monumentale’ mannen die fout zaten in onze koloniale geschiedenis en dus beslist geen voetstuk verdienen. Dat verkeerde verleden vormt voor mij niet eens het hoofdprobleem. Het zou slechts een aanleiding zijn om er eens lekker over heen te gaan met verfpotten in verschillende kleuren. En om teksten op de sokkel te schrijven als ‘Wangedrocht’, ‘Misbaksel’ of ‘Lelijk uitgietsel’.

Heftiger mag ook natuurlijk (Dief, Racist, Fascist, Fuck You), maar zelf voel ik geen boosheid, slechts completeerwoede. Ik heb deze sculpturen als kunstwerk altijd te onaf gevonden, juist omdat ze zo af waren. Er ontbrak iets aan, een destructieve ‘touch’. Dat hyperrealistische heeft iets onbehaaglijks. Dat een reactie mijnerzijds uitbleef had te maken met luiheid en goed fatsoen. En met angst voor de gevolgen.

Misbaksels verdienen geen voetstuk. Leve de verfspuiters met een inclusiever beeld van het verleden. (Wat ik dan weer jammer vind, is dat besloten wordt de beelden, juist in dit stadium van vervolmaking door verf en verminking, uit de openbare ruimte weg te halen.)

Houd je van één of meer van de volgende dingen: druipsteenkaarsen, stalagmieten, veel stroop op je pannenkoek, filmpjes van tsunami’s of aardverschuivingen, lawines, bouwvallen, schroothopen, sloopplaatsen, Jackson Pollock en ander abstract expressionisme? Dan zal deze nieuwste ‘rage’ je aanspreken, denk ik.

Vogelkak op bronzen koppen heb ik ook altijd prachtig gevonden. Van die witgele meeuwenflatsen met nog iets onverteerbaars erin. Als vrije vogel zou ik deze heren graag in de haren zitten. Ik zou keihard krijsen en mijn grote boodschap doen vol onverwerkte klonters. Jammer hoor dat er altijd een ambtenaar opduikt met een hogedrukspuit die het ‘verhaal’ dat daar ontstaat – de kunstzinnige interactie zeg maar – onbewogen uitwist.

Nu maken mensen met kennis van zaken en veel gevoel voor rechtvaardigheid mikpunten van deze voorbije helden. Ik vind het resultaat van hun acties veel beter dan een bordje erbij met een genuanceerde uitleg over de historische figuur in kwestie. Boze mensen schrijven betere teksten. Woorden die ik niet uit m’n spuitbus zou krijgen. Esthetischer ook vanwege de rijkgeschakeerde kronkels en het bonte kleurgebruik.

Verwijdering van ledematen komt het resultaat ook ten goede, vind ik. Wat ik dan weer jammer vind, is dat besloten wordt de beelden, juist in dit stadium van vervolmaking door verf en verminking, uit de openbare ruimte weg te halen. Niet doen overheden. De wisselwerking in het spanningsveld tussen heden en verleden geeft deze struikelblokken de esthetische status die openbare kunst zo vaak moet ontberen.

Nou goed, een overtuigende tekst richting bestuurders is niet aan mij besteed. Ik heb weleens een gedichtje geschreven over dit fenomeen, dat ik hierbij afdruk. Ondertussen zeg ik: succes woedende massa, maak iets moois van jullie pispalen. (P.S.: met het ‘crapuul’ in onderstaand rijm doel ik niet op jullie hoor.)

Schijtnesten (Memento Park)

Ze leken bij hun leven reeds verouderd,
toch staan ze hier nog even breedgeschouderd
op hun sokkels aan de grond:
de boven elke smart verheven beelden
van hoogbevoorrechten en ruimbedeelden
hun hoofden zwaar van stront.

Het onkwetsbaar brons van de gewezen helden
moest het in ieders plaats ontgelden
maar na de stenen en de kogels
waaraan ’t crapuul zich heeft bezeerd
is de rust onder hun blikken weergekeerd;
standvastig nog als pleisterplaats van vogels.

(Uit de bundel Schrammenbloed, ©Cum Suis, 2012)