Zet mij maar op de zwarte lijst

Het zou mij tegenvallen als het Trump-regime mij niet als staatsgevaarlijk zou bestempelen.

Er is opnieuw felle kritiek vanuit de VS op Europa. Naast de bekende stokpaardjes van radicaal rechts – dat Europa een broedplaats voor terreurdreigingen zou zijn vanwege massamigratie, zwakke grenzen en narco-terroristen – trekt het Trump-regime nu ook van leer tegen “extremistisch links”. Maar wat zijn eigenlijk de criteria waarmee de Nationale Veiligheidsraad van het Witte Huis bepaalt dat bewegingen als ‘antifa’ een “grote bedreiging” vormen?

De would-be dictator Trump wordt hier in één beeld gevangen met George Wahington, de eerste president van de VS. Washington was een republikein in de klassieke zin (voorstander van een republiek), geen democraat in de hedendaagse Amerikaanse partijbetekenis. Hij stond boven de partijen en waarschuwde juist tegen de polarisatie die we vandaag de dag zien. Hij was meer een ‘staatsman’ dan een partijdige politicus. In zijn beroemde Farewell Address (1796) waarschuwde hij expliciet tegen het gevaar van politieke partijen (“the spirit of party”). Hij vreesde dat ze de eenheid van het land zouden ondermijnen en zelfs tot despotisme zouden leiden. In het geval van Trump heeft hij gelijk gekregen. (Foto van EPA wordt hier geplaatst met gesupposeerde toestemming.)

In de nieuwe Amerikaanse antiterreurstrategie voor 2026 wordt ‘antifa’ niet zozeer behandeld als een formele organisatie, maar eerder als een ideologisch netwerk of een politieke parapluterm. Daarmee ontstaat een rekbare definitie van extremisme, die veel verder gaat dan het bestrijden van concreet geweld. Laat me raden waar de kritiek uiteindelijk op neerkomt. De Trump-regering kijkt vermoedelijk allang niet meer uitsluitend naar vormen van terrorisme. Groepen kunnen al verdacht worden zodra zij:

  1. anti-statelijke of revolutionaire retoriek bezigen;
  2. internationale netwerken onderhouden;
  3. maatschappelijke mobilisatie organiseren;
  4. culturele of ideologische alternatieven tegenover ‘Amerikaanse waarden’ plaatsen;
  5. invloed uitoefenen binnen universiteiten, media, NGO’s, de ambtenarij of technologiebedrijven.

Kortom: de definitie van ‘extremistisch links’ verschuift van ‘geweldstoepassing’ naar ‘verwerping van traditionele normen en nationale instituties.’ Dat is een fundamentele verschuiving.

In de VS is het in principe legaal om radicaal-linkse, anarchistische of antikapitalistische ideeën te hebben zolang men geen concrete geweldsdaden plant of pleegt. Maar uit de retoriek van het Trump-regime blijkt dat begrippen als “anti-Amerikaans”, “radicaal pro-transgender” en “anarchistisch” moeiteloos door elkaar heen lopen. Dat wijst erop dat de criteria niet louter veiligheidsgericht zijn. De selectie van doelwitten vindt plaats op basis van een doctrinair kader. Men volgt het programma van een sektarische, revanchistische partij.

De consequentie laat zich raden: politieke inzet van veiligheidsdiensten tegen ideologische tegenstanders, intensievere surveillance van activisten, criminalisering van protest en verdere aantasting van burgerrechten.

Je bent al snel verdacht in het Amerika van nu. Ondersteun je autonome vrijplaatsen? Onderhoud je internationale contacten? Doe je weleens mee aan een bezetting? Organiseer je maatschappelijke onrust, al is het maar in de breedste, meest politieke betekenis van het woord? Wees dan Trumps motto indachtig:

Misschien is het daarom verstandig om alvast wat helderheid te verschaffen. Bij gebrek aan officiële criteria geef ik zelf graag aan waarom ik aan gene zijde van de Atlantische Oceaan mogelijk als staatsvijand moet worden aangemerkt. Dit zijn mijn ‘zeven vinkjes’:

  1. In 2017 noemde ik Trump in een interview met de Volkskrant een “potsierlijke geilneef.” Achteraf bezien hield ik mij nog in. Ik wou dat ik toen de tegenwoordigheid van geest had gehad om de president te typeren zoals Ben Meiselas vaak doet (zie verder).
  2. Mijn boek The GreenXtreme vraagt op de cover openlijk: “Is it Time to Break the Law for the Right to Breathe?” Daarboven staan bovendien de woorden: “No Law But Justice.” Niemand hoeft nu nog te weten dat ik in het belangrijkste, derde deel, van dat boek, het gebruik van geweld stelselmatig afwijs.
  3. Ik beschouw mezelf als een milieuactivist die zich (tot nu toe) weet in te houden.
  4. Ik onderhoud contacten met buitenlandse activistische netwerken.
  5. Ik weiger de autocratische impulsen van het huidige Trump-regime te normaliseren als legitiem democratisch gezag. Want laten we eerlijk zijn; het functioneert slechts onder de dekmantel van een representatieve (dus volkssoevereine) autoriteit, maar kan absoluut niet worden gezien als een reguliere uiting van constitutioneel bestuur.
  6. Ik stem op de Partij voor de Dieren.
  7. Ik ben radicaal pro-transgender.

Ik verzoek de Nationale Veiligheidsraad van de VS om mij preventief op hun zwarte lijst te plaatsen. Het zou vervelend zijn als daar later administratieve onduidelijkheid over ontstaat. Ik beschouw het als een eer om door een schurkenregime als persona non grata (of erger) te worden verklaard.

Op zijn veelbekeken kanaal, het MeidasTouch Network (MTN), spaart Ben Meiselas de huidige president niet. Zijn vocabulaire is doorspekt met juridische ernst vermengd met een flinke dosis retorische verontwaardiging. Wanneer Meiselas van leer trekt, gebruikt hij vaak de volgende termen en typeringen:

  • Convicted Felon: Sinds de uitspraak in de zwijggeldzaak in New York is dit zijn absolute favoriet. Hij herhaalt dit bijna als een mantra om de juridische status van Trump te benadrukken.
  • Adjudicated Rapist: Verwijzend naar de civiele rechtszaak van E. Jean Carroll. Meiselas hecht veel waarde aan het gebruik van de exacte juridische terminologie die door de rechter is bevestigd.
  • Fraudster: Meestal in de context van de civiele fraudezaak in New York waarbij de zakelijke praktijken van de Trump Organization onder de loep werden genomen.
  • Authoritarian / Wannabe Dictator: Hij waarschuwt regelmatig voor de antidemocratische retoriek en de plannen die Trump heeft voor een eventuele derde termijn.
  • Incompetent / Chaotic: Meiselas zet Trump vaak neer als iemand die intellectueel niet in staat is om de complexiteit van het landsbestuur of zelfs zijn eigen juridische verdediging te begrijpen.
  • The Leader of the MAGA Cult: Hij positioneert Trump niet als een traditionele politicus, maar als een sekteleider die zijn volgers misleidt.
  • Cognitive Decline: Meiselas deelt vaak clips waarin Trump woorden vergeet of verward overkomt, om te betogen dat hij mentaal ongeschikt is voor het ambt.
  • Low Energy / Weak: In schril contrast met de “strongman”-persona die Trump probeert uit te stralen, schildert Meiselas hem vaak af als een kwetsbare, paniekerige man die doodsbang is voor de gevangenis (waar hij thuishoort).

Lezersreactie:
Interessante analyse. Wat u hier beschrijft bij het Trump-regime, lijkt overigens verdacht veel op de klassieke theorie van de ‘Dual State’ van Ernst Fraenkel. Hij stelde vast dat in autoritaire systemen een normatieve staat (die de schijn van de wet ophoudt voor de ‘brave’ burger) zij aan zij bestaat met een prerogatieve staat; een machtsapparaat dat volledig willekeurig en naar eigen goeddunken afrekent met iedereen die als ‘vijand’ is gelabeld.
Het is een bittere ironie dat een regime dat de mond vol heeft van de rule of law, in de praktijk vooral de regels van de prerogatieve staat hanteert om critici monddood te maken. Het zou verfrissend zijn als men in de VS deze wetenschappelijke realiteit eens onder ogen kwam, in plaats van te blijven geloven in de fabel van een ongeschonden democratie.