Het ultieme bouwsel

Waar kwam opeens dat grut vandaan in zijn gewrochten?

Monument majeur de Paris


Op de warmste dag van het jaar schreef de geknakte kunstenaar vanuit zijn ‘madcave’ aan zijn muze:

‘Hoi Swaantje, de kist is aangekomen; zoals verwacht ontbreken er onderdelen, maar voorlopig kan ik voort. Het wordt een huzarenstukje. Ik ben zojuist begonnen aan de poten. Ze laten me hier maar wat begaan, dit houdt me koest; de staf vindt alles goed zolang je vadertje voor mij – voor ons! – garant wil staan. Mocht het gevaarte ooit verrijzen, dan praten we over een hoogte van 1 meter 85 exclusief de sokkel.’

Diezelfde middag ontving ze meer details. Er waren vorderingen. Ze moest maar snel gaan bijbestellen. ‘Zoek overal.’ Hij liet de bode haar ook schetsen brengen. ‘Deze moeren en bouten. Deze strippen en platen.’ Elk stukje had een nummer. Soms was het merk er ingeponst; Meccano!

Hij kreeg weer praatjes. Werd het als vanouds? Zwollen de woorden sneller aan dan wat er uit zijn bange, ijverige handen mocht ontstaan? Was het toch weer wat de dokter haar voorzichtig had geduid? “Het idioom van uw man is het eerste teken van zijn sluimerend versagen.”

De dag was niet gedaan. Hij schreef weer honderduit.

Een bouwkundig epos dat fier overeind zou staan; een staaltje superieure ingenieurskunst; een monument van mechanische persistentie; een staalconstructie van allure; zíjn kathedraal van gatenijzer; zíjn metalen magnum opus; een erecte daad van zeldzame dapperheid.

Ze las er zo graag overheen; haar man die kinderspeelgoed veel te serieus nam in pompeuze frasen. Was het niet gunstig dan, dat hij de woorden symbool en fallus vooreerst een ganse dag wist te vermijden?

Toen hij zich ’s avonds eindelijk los had gemaakt van zijn Parijse triomf, stuurde hij, vanuit het dolhuis, één bericht nog; een mededeling die misschien, heel in de verte, verband hield met genezing?

De postillon d’amour kreeg zijn grootste fooi dat jaar.

Het laatste briefje vroeg: ‘Wanneer is je eisprong? Ik kom snel thuis. Misschien wordt het nu toch tijd voor een derde.’

©Uitgeverij Cum Suis, 2026

Verplaatsing (displacement)

Natuurkundeformules (vergelijkingen, equations) → mechanica (mechanics) → kinematica (kinematics) → verplaatsing (displacement).

Onlangs verkeerde ik in een kring van creatievelingen. Tijdens de finissage ontspon zich een discussie omtrent de dualiteit van rust en dynamiek; daarbij overtrof de retoriek niet zelden de feitelijke onderbouwing. Als nuchter tegengewicht voor deze subjectieve interpretaties presenteer ik (met schaamteloze arrogantie) een mathematisch model dat de wetten van de fysica verduidelijkt. Hieronder staan de grondbeginselen van de kinetica beschreven. Deze bevatten onvermijdelijk ook een omschrijving van inertie; immobiliteit is tenslotte niets anders dan een verplaatsing waarbij de snelheid \boldsymbol{v=0} bedraagt. Mijn eerdere uiteenzetting over de ‘eenparig versnelde beweging vanuit stilstand’ leidde tot verzoeken om toelichting. Dat lijkt me billijk. Wellicht was het beter geweest om te starten bij de meest elementaire hoeksteen van de mechanica: de verplaatsing op zich. Ik ga ervan uit dat de nu volgende formule voor eenieder volkomen transparant is.

In de mechanica is de meest fundamentele bouwsteen het bepalen van de positieverandering van een object. We noemen dit de verplaatsing (displacement). In tegenstelling tot de afgelegde weg (distance), houdt displacement rekening met de richting; het is een vectorgrootheid.

\huge\boldsymbol{\Delta x = x_f - x_i}

(Uitspraak: “Delta x equals x sub f minus x sub i.”)

Specificatie van de variabelen van de formule:

  • \boldsymbol{\Delta x} (Displacement): De netto verandering van positie (uitgedrukt in meters, m).
  • \boldsymbol{x_f} (Final position): De eindpositie van het object ten opzichte van de oorsprong.
  • \boldsymbol{x_i} (Initial position): De beginpositie van het object ten opzichte van de oorsprong.

De vergelijking voor displacement is de essentie van de rechtlijnige beweging. Het symbool \boldsymbol{\Delta} (de Griekse hoofdletter Delta) staat in de wetenschap altijd voor ‘verandering’.

Het cruciale verschil tussen distance en displacement is dat de displacement negatief kan zijn. Als een deeltje begint op \boldsymbol{x = 10} en eindigt op \boldsymbol{ x = 2}, dan is de displacement:

\huge \boldsymbol{2 - 10 = -8}

Dit negatieve getal vertelt ons niet alleen hoe ver het object is bewogen, maar ook dat het in de negatieve richting op de x-as is gegaan. Dit onderscheid is essentieel voor de verdere berekening van de velocity (snelheid met richting).

Weigh ‘Em by Their Creativity

About the Pathologization of Psychiatry.

In haar eerdere werk, Grab ‘Em by the Frontal Lobe, luidde Ronda Dolan Vernon de noodklok over de politieke bezetting van onze ratio. In haar nieuwste boek, Weigh ‘Em by their Creativity, gaat ze een stap verder. Ze onderzoekt hoe de psychiatrie, onder druk van een regime dat obsessief streeft naar conformiteit, is veranderd in een meetinstrument dat zelfs de meest vitale menselijke eigenschap — creativiteit — probeert te vangen in pathologische categorieën.

Vernon bouwt voort op het fundament van Jeffrey Lieberman. Waar Lieberman in Shrinks waarschuwde tegen de onwetenschappelijke diagnose, laat Vernon zien hoe “wetenschap” nu juist wordt misbruikt om originaliteit de kop in te drukken. De titel verwijst naar een sinistere verschuiving: we kijken niet langer naar wat een mens kan bijdragen, maar we “wegen” hun creativiteit om te bepalen of ze nog wel binnen de door de staat gedefinieerde normen vallen.

In deze recensie vallen drie scherpe observaties van Vernon op:

  • De “Divergentie-fout”: Vernon beschrijft hoe complexe neurale netwerken die geassocieerd worden met creatief denken (zoals het Default Mode Network) onder het huidige regime systematisch worden gelabeld als “disfunctioneel”. Wat vroeger een excentrieke visie was, wordt nu gepathologiseerd als een aandachtsstoornis of een gebrek aan cognitieve discipline.
  • De banalisering van het genie: De auteur legt uit dat wanneer we creativiteit gaan “wegen” met gestandaardiseerde psychiatrische tests, we de essentie ervan banaliseren. Ze geeft voorbeelden van hoe de minister van Gezondheidszorg algoritmes inzet die afwijkend denkgedrag signaleren als een potentieel risico voor de publieke orde. Hier wordt de psychiater niet langer een genezer, maar een keurmeester van de geestelijke eenheidsworst.
  • De uitholling van de grijze stof: Vernon maakt een briljante neurologische sprong door te stellen dat de pathologisering van creativiteit leidt tot een fysiologische verschraling. Als een samenleving elke vorm van “out-of-the-box” denken medicinaal onderdrukt, stopt de cortex met het maken van nieuwe, onverwachte verbindingen. We creëren een collectieve “neurologische stilstand”.

    Weigh ‘Em by their Creativity is een ijzingwekkende analyse van een vakgebied dat zijn kompas is kwijtgeraakt. Vernon stelt dat de psychiatrie haar wetenschappelijke integriteit alleen kan terugwinnen door te stoppen met het “wegen” van mensen en weer te gaan kijken naar de unieke biologie van de geest. Het is een boek dat je dwingt om na te denken over de vraag: als we alles wat ons creatief en uniek maakt gaan diagnosticeren als een afwijking, wat blijft er dan nog over van de menselijke ervaring? De banalisering is hier niet alleen een medische fout; het is een existentiële dreiging.

    Vernon, R. D. (2026). Weigh ‘em by their creativity: About the pathologization of psychiatry. Cum Suis Publishers.