Semantiek als schild

Hoe één voorzetsel het verschil maakt tussen een meeloper en een master.

Beste Stéphanie en Janneke,

In een van jullie laatste podcastuitzendingen van De Shitshow ventileren jullie de ergernis aan mensen die een sweater dragen met het logo van Harvard, terwijl ze nooit aan die universiteit hebben gestudeerd. Als voorbeeld valt de naam van Humberto Tan.

In de laatste uitzending van de podcast Dit is Amerika wil presentator Michiel Vos, die naar jullie heeft geluisterd, van zijn gesprekspartner weten hoe het nou zit: “Heb je op Harvard gezeten of niet?”

De beroemde voetballer Tonny Harvard en zijn Ziggo-fans.

Het is grappig om te horen hoe Humberto hier semantiek gebruikt om toch te kunnen suggereren dat hij daar onderwijs heeft genoten. Hij bezigt namelijk consequent de formulering: “Ik heb bij Harvard gezeten.”

Dat is een prachtig staaltje taalkundige gymnastiek. Het echte antwoord op de vraag van Vos is even simpel als ontnuchterend: nee, hij heeft daar geen reguliere academische graad behaald. De presentator is gewoon in de rechten afgestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam. Met zijn specifieke woordkeuze spreekt hij technisch gezien overigens wel de waarheid; zijn achterwerk heeft daadwerkelijk contact gemaakt met het meubilair op de campus in Cambridge.

In 2016 volgde hij daar namelijk een kortstondige masterclass aan de Harvard Business School. Het betrof de collegereeks The Business of Entertainment, Media, and Sports, gedoceerd door de Nederlandse professor Anita Elberse. Zo’n intensief ‘executive’ traject duurt doorgaans geen jaren, maar slechts een dag of vier. Het is een prestigieuze netwerkcursus waar vermogende prominenten aanschuiven; Tan deelde de collegebanken destijds met onder anderen acteur Channing Tatum en rapper LL Cool J.

Zijn zorgvuldig gekozen bewoordingen functioneren als een schild. Het voorkomt de valse claim van een volwaardige master of PhD, terwijl de elitaire associatie met het instituut subtiel overeind blijft. Een even slimme als ironische strategie om status te cultiveren.

Aangezien beide podcasten onder de vleugels van Tonny Media vallen, vermoed ik dat ik jullie hiermee geen schokkend nieuws breng en dat de onderlinge ergernissen op de kantoorvloer niet al te hoog oplopen. Maar toch; de anekdote is te vermakelijk om onbenoemd te laten.

Met vriendelijke groet,

Ronald

Lezersreactie:
Laat het ontdekken van de dubbele bodem in het onderschrift van die afbeelding maar aan de scherpte van de lezer over. De klankovereenkomst met ‘sycophants’ is volkomen duidelijk.

Antwoord:
Dank je. Bij deze geschrapt.

Haha, hij heeft daar dus niet regulier in de boeken gezeten. Toch vind ik het eigenlijk wel een meesterlijk staaltje verbale acrobatiek. Met die formulering zoekt hij exact de grens op tussen een feitelijke herinnering en pure status, wat maar weer eens bewijst dat de man retorisch ijzersterk is. Wat mij betreft hoeft hij hierom niet direct genadeloos aan de schandpaal; je moet hem de sportiviteit van de woordspeling bijna nageven.
Bram_V

Dat hij bij elke anekdote over zijn ‘Harvard-tijd’ direct de namen van Channing Tatum en LL Cool J laat vallen, maakt het er nou niet bepaald geloofwaardiger op. Als je met Hollywoodsterren en rappers in de collegebanken zit, weet je eigenlijk al dat je niet bezig bent met een gortdroge studie macro-economie, maar met een peperduur netwerkfeestje voor prominenten. Juist de behoefte om die namen te noemen, verraadt de drang naar status.
Eline, Haarlem

Tegenstemmen uit de VS

Wat verbindt de commentatoren uit mijn eerdere lijstje?

In mijn eerdere blogbericht deelde ik een verzameling Amerikaanse commentatoren. Naar aanleiding van dat overzicht vroeg iemand zich af op grond van welke criteria deze selectie tot stand kwam. Die vraag rechtvaardigt een toelichting. Dit overzicht dient immers niet enkel als hulpmiddel om online opinievormers in kaart te brengen, maar wil ook een genuanceerder beeld schetsen van het Amerikaanse politieke landschap. Te vaak heerst in Europa de gedachte dat de Verenigde Staten louter uit extremen en chaos bestaan. De werkelijkheid blijkt gelukkig een stuk complexer en genuanceerder.

Gisteren voorspeld, vandaag bewaarheid. Trump heeft inderdaad het voornemen uitgesproken om MTN voor de rechter te slepen. Ben Meiselas – advocaat van huis uit – lust hem rouw. (Ik schreef trouwens voor het eerst over deze mogelijkheid op 25 oktober 2025 in https://ronaldvannoorden.com/2025/10/25/drie-kanaries-in-een-kolenmijn/)

Ik toon hier eerst de verzameling van opiniemakers, zoals ik die gisteren ook online zette:

  • Ben MeiselasMeidasTouch Network.
  • David PakmanThe David Pakman Show.
  • Tim MillerThe Bulwark.
  • JessiahPondering Politics.
  • Amy Goodman en Juan GonzálezDemocracy Now!.
  • Brian Tyler CohenNo Lie.
  • Luke BeasleyThe Luke Beasley Show.
  • Krystal BallBreaking Points (dikwijls gepresenteerd met Saagar Enjeti).
  • Kyle KulinskiSecular Talk.
  • Cenk Uygur en Ana KasparianThe Young Turks (Rebel HQ).
  • Natalie WynnContraPoints.
  • Sam SederThe Majority Report with Sam Seder.
  • Chris HedgesThe Chris Hedges Report (of gelieerd aan The Real News Network).
  • Kara SwisherOn With Kara Swisher.
  • Hasan PikerHasanAbi.
  • Thom HartmannThe Thom Hartmann Program.
  • Scott Galloway en Kara SwisherPivot.
  • Chip Franklin, Corinne Straight en Justin HorowitzReally American.
  • Adam MocklerThe Adam Mockler Show.
  • Jeffrey Sachs, John J. Mearsheimer, Stephen Walt, Rohit „Ro” Khanna; geen eigen platform maar regelmatig optredend als gasten in andermans show vanwege hun expertise.

De lijst is samengesteld op basis van de volgende uitgangspunten:

  1. Het betreft overwegend progressieve denkers en analisten, opiniemakers en commentatoren. Het stempel ‘progressief’ is een politiek en sociologisch begrip. De commentatoren van The Bulwark komen oorspronkelijk vaak uit conservatieve of centrumrechtse hoek. Die houd ik, eerlijk gezegd, wat kritischer in de gaten.
  2. Het volledige gezelschap bezit de Amerikaanse nationaliteit. Dit staatsburgerschap is een verifieerbaar juridisch feit (hoewel de gekte van de huidige politiek met zich meebrengt dat sommige van de legaal in de VS wonende commentatoren toch te vrezen hebben voor wat ICE met hun beschermde status zal uitrichten. Zij hebben namelijk een migratieachtergrond.).
  3. De onderwerpen van hun uitzendingen richten zich overwegend op de binnenlandse politiek en maatschappelijke debatten in de Verenigde Staten. Er is dus nauwelijks internationale berichtgeving. Deze Amerikanocentrische focus schept duidelijkheid.
  4. Ieder van hen manifesteert zich via het videoplatform YouTube; dit medium fungeert als hun digitale megafoon. Velen van hen zijn ook als podcast te beluisteren. Sommigen van hen gebruiken de YouTube-factor louter als distributiekanaal voor hun podcasts of radio-uitzendingen.
  5. De inkomsten komen veelal van crowdfunding, abonnees op platforms zoals Patreon of betaalde podcasts, waardoor zij losstaan van traditionele mediabedrijven. Hun financiële onafhankelijkheid is belangrijk.
  6. Er is sprake van een hecht ecosysteem waarin de makers geregeld in elkaars programma’s verschijnen; deze intertekstualiteit en netwerkinspanningen versterken hun gezamenlijke online bereik aanzienlijk.
  7. Hun content bevindt zich in de categorie duiding, analyse en opinie. Je kunt hun commentaren wel objectieve journalistiek blijven noemen omdat zij doen aan factchecking. Zij duiden de actualiteit op een journalistiek verantwoorde manier.
  8. Zij leveren kritisch commentaar in plaats van uitsluitend droog nieuws te verspreiden. Hun uitgesproken standpunten creëren een inhoudelijke signatuur die overeenkomt met mijn eigen politieke voorkeur. Het merendeel pleit voor linkse dus democratische standpunten; denk hierbij aan sociale hervormingen en progressieve wetgeving. Wat is er mis met een moraal die deugt?

Europa kampt met een forse opkomst van radicaal-rechtse bewegingen. Hoewel de naald op ons continent vooralsnog uitslaat naar een democratische meerderheid, balanceren ook wij op de rand van autocratische ontwikkelingen. Wanneer we over de oceaan kijken, zien we iets hoger oplopende spanningen. Toch is er een aanzienlijke groep Amerikanen met een scherp moreel kompas en een diepgeworteld besef van beschaving. Zij vormen in de praktijk nog altijd de overhand, ook al is dat door de lawaaierige polarisatie niet altijd direct zichtbaar.

De aankomende verkiezingen zullen hier meer duidelijkheid over verschaffen. Pas na die stembusgang kunnen we hopelijk weer spreken van een normalisatie van de bilaterale relaties tussen beide continenten. Tot die tijd is het cruciaal om de stemmen van de rede te blijven beluisteren en delen.

De ‘Monkey Cage’ gaat op slot

De pijn van de geforceerde grap ging het genot van de verwondering overheersen.

Toegegeven: er zijn weinig mensen die complexe materie zo elegant en bezield kunnen uitleggen als Brian Cox. Of hij nu de wetten van de thermodynamica ontrafelt of de grootsheid van de kosmos duidt, hij heeft het zeldzame talent om het onbegrijpelijke tastbaar te maken. Dankzij zijn documentaires en andere uitzendingen ben ik talloze malen wijzer geworden over zaken die voorheen als abstracte mist in mijn hoofd hingen. Mijn waardering voor zijn vakmanschap is dan ook grenzeloos.

Presentatoren Brian Cox en Robin Ince: Een duo dat de wetenschap viert, maar in hun podcast vaak moet opboksen tegen de stroeve dynamiek van de geforceerde komische noot. Omdat de show wordt opgenomen voor een live publiek, komt een misplaatste of slecht getimede grap extra hard aan en wordt de ongemakkelijkheid voor de luisteraar direct en pijnlijk hoorbaar.

Met die instelling begon ik drie jaar geleden ook aan de populaire BBC-podcast The Infinite Monkey Cage. De basis is solide: Brian Cox als de wetenschappelijke rots in de branding, geflankeerd door mede-presentator Robin Ince die de boel met zijn enthousiaste chaos aan elkaar breit. Maar daar stopt het niet. Het format schrijft voor dat er naast twee wetenschappers ook steevast een derde gast aanschuift: een ingehuurde komiek.

Juist bij die extra gast wringt voor mij nu de schoen. Waar de wetenschappers praten vanuit hun professie en passie — zij mogen immers uitleggen waar ze dagelijks mee bezig zijn — bevindt de uitgenodigde komiek zich in een onmogelijke positie. Terwijl de experts een boeiend betoog houden, moet deze derde gast voor de komische noot zorgen.

Het resultaat? Een vorm van humor op commando die ik vaak als pijnlijk ervaar. Het lijkt me ontzettend moeilijk om zonder voorbereiding een gevatte grap te maken over complexe materie waar je wellicht weinig affiniteit mee hebt. Dat lukt dan ook vaak niet. Voor mij voelt deze gast regelmatig als een vijfde wiel aan de wagen; iemand die erbij zit omdat het format dat eist, niet omdat het de inhoud verrijkt.

Als luisteraar lijd ik onder die ongemakkelijkheid. Op de momenten dat een wetenschapper een diepgaand inzicht deelt, wordt de stroom vaak onderbroken door een geforceerde kwinkslag die de plank misslaat. Hoewel we ons in het land van de Britse humor bevinden, zijn de grappen op deze momenten vaak niet raak.

Ik merkte dat ik met kromme tenen zat te luisteren. In plaats van op te gaan in de fascinerende feiten, was ik onbewust aan het wachten op het volgende ongemakkelijke moment van de ‘grappenmaker van dienst’. Die stroefheid begon de wetenschappelijke inhoud te overschaduwen.

Plaatsvervangende schaamte is helaas geen goede luistermotivatie. Hoezeer ik de helderheid van Brian Cox ook bewonder, de geforceerdheid van de interactie werd me te veel. Ik ben uiteindelijk opgehouden met luisteren. De wetenschap blijft me fascineren, en ik zal de uitleg van Cox overal blijven volgen waar hij de ruimte krijgt om te schitteren; maar dan wel het liefst in een setting waar de feiten voor zich mogen spreken, zonder de verplichte en vaak misplaatste humor van een worstelende tussenpersoon.

Van Rossem werd ook gebeld

Maar vooraf. Door een luie donder.

Er werd nog lang nagepraat over de kwestie-Van Berkel. Maarten van Rossem memoreert in zijn podcast hoe Vrij Nederland hem opbelde met de vraag of hij wel echt cum laude was afgestudeerd. Een methodologisch stuitende en ethisch dubieuze werkwijze; een integere journalist begrijpt dat een verklaring van de betrokkene geen verificatie is en raadpleegt direct de objectieve bron of de juiste instantie. Heeft deze redacteur de School voor Journalistiek wel voltooid? Het verschil tussen onderzoeksjournalistiek en primeurjacht is levensgroot; de kloof tussen waarheidsverlangen en roddelzucht zou dat eveneens moeten zijn.

Wat dat aangaat moet ik een compliment maken richting de Volkskrant. In dit geval toonde de redactie aan dat feitelijke verificatie de enige legitieme basis is voor publieke verslaglegging. Waar de een genoegen nam met een lukraak telefoontje, hanteerde de ander de principes van hoor en wederhoor als een wetenschappelijk instrument; niet om een sensatie te bevestigen, maar om de waarheid te isoleren van de ruis. Het bewijst dat journalistiek pas valide wordt wanneer de bewijslast zwaarder weegt dan de verleidelijke snelheid van de primeur. Een dergelijke toewijding aan de bronnen is geen luxe, maar een bittere noodzaak om de erosie van de publieke informatievoorziening tegen te gaan.

Zelfcensuur onder dwang

De psychologische en financiële terreur die critici van Trump de mond snoert.

Wat een droevig nieuws is dit. Ik hoorde het en het sloeg in als een bom, niet alleen vanwege het verlies van twee waardevolle stemmen, maar vooral vanwege de onderliggende motivering. De podcast Shrinking Trump stopt. De makers, psychologen John Gartner en Harry Segal, voelen zich genoodzaakt de stekker eruit te trekken, om een reden die een rilling door mijn hart jaagt: ze moeten vrezen voor vervolging en kunnen, mocht het zover komen, de proceskosten niet dragen.

Dat de makers zichzelf het zwijgen opleggen uit angst, nog voordat er een officiële aanklacht is, legt de focus op de gevaarlijke aard van de intimidatie. Dit benadrukt het meest verontrustende element: het is een actie uit anticipatie. Daardoor wordt het een vorm van zelfcensuur onder dwang. Dit is hoe een bedreigde democratie haar kritische stemmen systematisch de nek omdraait. Het misbruik van juridische procedures is de nieuwe tactiek om de persvrijheid te muilkorven. Preventief moeten stoppen met het louter uitspreken van je mening, dat is toch wel het ergste.

Dit is de rauwe, onverbloemde realiteit die we nu onder ogen moeten zien. Het is niet langer een hypothetisch gevaar; het is acuut. Een regering, of een politieke beweging met de intentie de democratie te ondermijnen, gebruikt de rechtspraak als wapen. Kritiek uiten wordt een financieel risico, een potentieel bankroet. Het gaat hier niet om een gerechtvaardigde vervolging vanwege een misdrijf, maar om het intimideren en monddood maken van critici door de dreiging van eindeloze en onbetaalbare juridische procedures.

En dat is precies waar de schoen wringt en waarom ik zo’n enorme zwaarte voel. Het feit dat je jezelf preventief het zwijgen op moet leggen, uit anticipatie op een dreiging die alleen al door haar bestaan zo intimiderend is dat ze haar doel bereikt. Er is nog geen dagvaarding de deur uit, er is nog geen officier van justitie in actie gekomen, en toch zijn de stemmen al verstomd. Dit is de sluipende gifbeker van onvrijheid. Het is een demonstratie van hoe een klimaat van angst, gecreëerd door de dreiging van de staat of machtige individuen, de vrijheid van meningsuiting aan het wurgen is.

Shrinking Trump was meer dan een podcast; het was een psychologische analyse, een poging om zin te geven aan de chaos, en een daad van burgerlijke moed van twee geleerden. De droeve laatste aflevering markeert niet alleen het einde van hun programma, maar ook een ‘tipping point’ in de strijd voor de democratie. Als zelfs de angst voor juridische kosten ons al dwingt tot stilte, wat is dan nog de waarde van de vrijheid van meningsuiting? Dit is een wake-up call, een bewijs dat de democratie niet alleen sterft in duistere dictaturen, maar ook langzaam wordt uitgehold in het volle daglicht door het wapen van de onbetaalbare rechtsprocedure.

We zijn weer twee stemmen armer. Ik vrees dat het niet de laatsten zullen zijn.

Afgepast aftasten op de grens van comfort

De lange armen van het wellness verwenningscircuit.

Ik heb nooit een ‘experience’ in het wellness-circus omdat ik mij nooit overgeef aan dat soort dure en tamelijk idiote grappen. Daarom vind ik het heerlijk om naar ‘ervaringsdeskundigen’ te luisteren die zich wel in dit circuit wagen. Gelukkig ken ik er twee die er eenzelfde cynische grondhouding op na houden als het om spirituele behandelingen gaat, MAAR die NIET – zoals ik – de verleiding kunnen weerstaan om zich toch af en toe esoterisch te laten vertroetelen. De lezer weet ook wie zij zijn: ze heten Aaf en Lies en ze ‘lossen het wel weer op’, aldus de naam van hun podcast. De oplossing die ze mij, in dit geval, bieden, is dat ze me een inkijkje verschaffen in een wereld die ik, zoals gezegd, zelf heb buitengesloten.

Lies bevond zich voor opnamen van de serie Gooise Vrouwen in Luxemburg. Natuurlijk zit je dan als actrice in een ‘fully catered’ hotel. Ze had een inspannende opnamedag achter de rug, dus ze dacht: kom, ik boek een ayurvedische massage ‘met nadruk op energetisch evenwicht’, zoals de reclame in de lounge vermeldde. Dan mag je op een aangenaam verwarmde tafel gaan liggen met een papieren broek aan en je hoofd in een donut, terwijl er op de achtergrond rustgevende muziek van dolfijngeluiden en klankschalen klinkt. Zo’n ayurvedische behandeling ‘is met hele lange lijnen’, begrijp ik nu; de handen van de masseuse strekten zich uit in uiterste richtingen. Het gaf Lies het gevoel dat ze heel erg lang was. Daar zou ik, met mijn één meter achtenzestig, vast ook baat bij hebben, bedacht ik me.

“Y a-t-il des zones où vous ne souhaitez pas être touchée? ” had de masseuse voorafgaand gevraagd. Omdat Lies ervan uitging dat haar ‘yoni’ vanzelfsprekend zou worden ontzien, gaf ze geen specifieke plekken aan, waar de uitgestrekte handen niet welkom waren. Ook weer nieuw voor mij: ayurvedische massage is niet met olieën, wel met drukpunten. De masseuse maakte regelmatig haar handen warm en legde die op zo’n speciaal ‘aandachtsplekje’ waarvan het lichaam er talloze blijkt te hebben. “Tournez vous” beval ze vriendelijk, nadat al het tastbare aan de achterkant was veraangenaamd en afgevinkt. Er werd alweer gepaste discretie in acht genomen want de handdoek ging tijdens het tourneren meteen op haar ‘heilige bron’ (zoals de letterlijke vertaling van yoni uit het Sanskriet luidt).

De luisteraar kon intussen gerust zijn: de therapie – want dat was het – leek keurig begrensd. We bevonden ons tenslotte in een decor van gepolijste luxe. Je kent ze wel, die zelfstandige ondernemers in de wellnessbranche die zich als freelance specialisten in een hotel hebben ingekocht, en hun diensten, tot wederzijds voordeel, aan het imago van het etablissement verbinden. Een slimme wisselwerking: het hotel breidt zijn service uit zonder personeel aan te hoeven nemen, en de masseuse lift mee op het aura van comfort. Ze voegt persoonlijke service op maat toe aan het bestaande aanbod van egoverwennerijen. Dat mag wat kosten, maar het zal de gast aan niets ontbreken. Het is te zeggen: tot op zekere hoogte. Want zo’n hotel was dit niet. Voor verlangens die het tactiele overstegen, moest men zich wenden tot de geneugten van de stad.

Lies was allang blij. En wij als podcastluisteraars ook. Het werd ons weer eens duidelijk dat zij een begenadigd vertelster is, die het een en ander begrijpt van de opbouw van een goed verhaal. Ze besefte net iets te laat dat het misschien toch verstandig was geweest om grenzen te stellen aan haar aanraakbaarheid. De warme handen met hun enorme bereik gingen haar iets te vaak naar ‘het bovengedeelte van de romp’, inclusief ‘de tepelzone’. Dat had ze nog nooit meegemaakt. Lag ze daar in haar papieren broekje. Je zou het best ayurvedisch kunnen uitleggen, maar niettemin ontstond er een ‘awkward’ situatie. “Want ja, het lichaam reageert toch.” Er kwam een stukje erotiek om de hoek kijken waarmee ze geen rekening had gehouden. Het was een hele inspannende opnamedag geweest. “Je begrijpt dat als zo’n masseuse dan hele lange lijnen gaat maken…”

Wie deze navertelling niet leuk genoeg vindt – ik heb daar begrip voor – adviseer ik naar de podcastaflevering zelf te luisteren. Die speciale aandacht van ons, hebben de dames echt verdiend.